U bent hier

Bedrijfsleider Tim - juli 2013

In voorgaande blogs maakte ik al de vergelijking met ondernemen als schaakspel of als kaartspel. Met de eenmaking van het statuut van arbeiders en bedienden -verder geen commentaar- kwamen deze bedenkingen terug naar boven.

In eender welk managementboek staat te lezen dat vergaderingen en besprekingen niet te lang mogen duren. Naar verluidt hebben de werkgevers, syndicaten en bevoegde politici onlangs maar liefst 27 uur bij elkaar vertoefd om de grootste verschillen tussen arbeiders en bediendes weg te werken. Onmenselijk toch? En toch niets dan complimenten te lezen over de bemiddelende Monica en haar vrouwelijke compagnons. Ze moeten mekaar dan op een of andere manier toch wel graag zien.

Zouden diezelfde syndicaten het goedkeuren als ik met mijn eigen ondernemingsraad dergelijke marathonsessies zou organiseren? Goede werkomstandigheden, iemand? In hoeverre kan je nog alert zijn na dergelijk conclaaf? Karel heeft al wel een Ventoux beklommen, maar toch. En Rudy ziet er nu ook niet uit alsof hij de topatleet is. Maar genoeg hierover, het is te warm om in deze blije zomertijden tegen schenen te schoppen.

Onderhandelen is een vak. Ik herinner me een vakbondssecretaris die bulderde en schold. Vlammende ogen en een priemende vinger. Een halfuur later, na de vergadering, was hij oprecht geïnteresseerd in mijn petekindje. Hij beheerste zijn rol perfect. Ervaring noemen ze dat.

Om dan terug de vergelijking te maken met het kaartspel. Bij de grote pokertornooien zie je de vedetten allemaal met zonnebrillen, al dan niet met spiegelglazen. Pokerface! Zou dat geen ideetje zijn voor onze heren politici? Niet in je kaarten laten kijken. Niet laten merken hoe je het voorstel van de tegenpartij bekijkt. Het rock-'n-rollgehalte van onze verkozenen zou erop vooruit gaan. En je kan ongemerkt indommelen na een uur of 9 vergaderen. Of hebben onze heren politici zeer weinig geheimen voor elkaar? Kennen ze elkaars gewoontes en standpunten zo goed? Of gebruiken ze andere trucs? Herinner je de schootnota’s? Gelekte mails en dergelijke zijn volgens mijn bescheiden mening niet altijd te wijten aan onvoorzichtigheid of regelrechte domheid.

Quickie zie ik nog wel met een heavy metalbril aan de tafel verschijnen. Bij meneer Van Rompuy zie ik het nog niet direct gebeuren.

In ieder geval heeft deze bloggende medemens het niet zo op zonnebrillen. In deze zomertijden kan je quasi ongemerkt die beeldschone deerne gadeslaan zonder dat het opvalt, maar verder? Deze mens kijkt zijn gesprekspartner graag in de ogen. De ogen zijn de spiegel van de ziel nietwaar? Met een zonnebril komen mensen altijd wat strenger over, wat meer hautain ook. Een oogopslag zegt alles. Een glimlach kan je makkelijker faken met je mond dan met je ogen. Neemt niet weg, ik hoop dezer dagen nog heel wat zonnebrillen tegen te komen. Dat betekent dat het mooi weer is in de zomer, de tijd van buurtfeesten, barbecues, festivals en zwemvijvers. Er is meer in het leven dan werken, bloggen, onderhandelen en nog van dat. Die bbq bij de buren mag dus gerust 27 uur duren.

Gepost op 22 juli 2013

tekstballonEen citaat dat kan tellen. Zij die goed opgelet hebben op school of gewoon een kwis-neus voor weetjes hebben, weten van wie deze wijze uitspraak komt. Zoek het gewoon even op, voor de sport. Misschien kom je op nog andere wijsheden uit!

Als je als blogger met deze zinsnede opent, moet je eigenlijk gewoon je document afsluiten en doorsturen. Een statement als het ware. Maar een blogger, ja die blogt natuurlijk. Gelukkig is hij niet alleen. Iedereen doet het. Over eten, over seks of over seks met eten. Over tuinieren en klussen, over de vreemde ziekte van de kleine. Je zoekt het, je vindt het. Naar goede traditie wordt vooral de gal gespuwd. Iedereen kwekt zijn opinie in het rond. Heb ik misschien een mening besteld?  (Frank Vanderlinden red.) Ik vind dat, ik ben er zeker van dat… Oogkleppen op en bazelen maar!

Hugo Camps wordt overal omschreven als een notoire brompot, maar kent iemand die man echt? Misschien is het gewoon zijn job om kritisch onze wereld te bekijken en daar zijn stukje over te schrijven? We hebben dus zelfs al een mening over mensen die een mening hebben. Volg je nog? Op de Nederlandse televisie duurt de voor- en nabespreking van een voetbalwedstrijd dubbel zo lang als de wedstrijd zelf. Lezersbrieven vullen nog steeds de kranten. Om nog maar te zwijgen van de reacties die je vandaag de dag op online krantenartikels kan geven.

Op het tv-nieuws mogen toevallige passanten hun kijk op de dingen ongebreideld verkondigen. Ze krijgen bijna evenveel tijd als de premier die zijn begroting uit de doeken wil doen. ‘Ik vind het niet kunnen dat mijn kindjes worden voorbijgestoken in de wachtrij van Walibi.’ De koters zouden er een trauma aan kunnen overhouden volgens de verongelijkte mama. Dat er ook kindjes zijn die helemaal niet naar Walibi kunnen gaan is even in de lege gedachtegang blijven steken.

Op Facebook vinden we alles leuk! En de tegenbeweging zegt dan weer dat ze geen greintje interesse heeft in de domme statussen van hun vrienden. Misschien de verkeerde mensen vriend gemaakt?

Zo worden we elke dag weer overspoeld door een tsunami aan meningen en opinies. Wat er zo fijn, maar ook gevaarlijk aan is: om een mening te verkondigen heb je geen kennis van zaken nodig. Iedereen kan het en mag het. Binnen brede normen dan toch. Het is een beetje zoals seks. Misschien dat er nu wel wat reacties gaan binnenkomen op het feit dat er meer dan één keer het woord seks in deze blog voorkomt? We lezen en horen het graag. We beamen of gaan in de clinch.

Het zorgt ervoor dat we aan de praat blijven in de kroeg, langs het voetbalveld of aan de schoolpoort.

Of een verzuurde mening geven over iets beter is dan niet met mekaar praten? Dat is dan weer iets om op een zomers terras met een goede fles wijn over te palaveren.

Spreken is zilver, zwijgen is goud, maar zij, zij lacht diamanten. (Rick De Leeuw)

Binnen een paar weken weer een volgende mening. Geniet van de zomer!

Gepost op 8 juli 2013