U bent hier

Bedrijfsleider Tim - januari 2015

Wij Belgen, om al maar te starten met een veralgemening, hebben een dubbelzinnige verhouding met succes. In de wekelijkse ‘boekskes’ worden de helden van vandaag genadeloos in hun blootje gezet. Smeuïge verhalen vergezeld van tenenkrullende titels, met details van details uit de mond van anonieme bronnen in de omgeving van. Tegelijkertijd worden de nietsnutten met een tandpasta-glimlach en een figurantenrol in reality-tv er, zelfs jaren na datum, opgehemeld. Vreemde dualiteit.

Maar wie ben ik om de bladen het succes niet te gunnen. Verkoopcijfers liegen niet. Respect voor het concept. Ze doen dat goed, dat kan niet anders. En toch worden ze niet echt serieus genomen die ‘boekskes’. In deze optiek wil ik enkele miskende talenten een ere-gallerij aanbieden. In andere landen zou Ben Crabbé met een dagelijkse succesvolle quiz én een geweldige carrière in een populaire rockband na al die jaren een ster en een icoon zijn. Meewarigheid is vaak zijn deel. Geert Hoste hoort bij Nieuwjaar zoals de kalkoen bij Kerstmis, maar ook over hem wordt wat lacherig gedaan. En niet in de zin die een komiek zou wensen. Olivier Deschacht is misschien wel de enige voetballer voor wie het begrip clubliefde geen lege doos is. Hoewel velen dromen van een carrière als de zijne (en een vrouw als die van hem) krijgt ook hij weinig krediet voor zijn prestaties. Succesvolle, maar miskende, underdogs!

Los van het feit of Marc Coucke nu teveel of te weinig belastingen betaalt. Een man die zoveel voor de tewerkstelling en het imago van ons land betekent, moet geen standbeeld krijgen, maar enige respect lijkt me toch niet misplaatst.

En zo verlenen wij vaak sympathie aan diegenen die niet de beste zijn, hebben wij weinig adoratie in huis voor de allergrootste toppers en halen we onze toppers zelfs vaak naar beneden. Iemand wat fierheid? Vreemd, want we hebben toch ooit allemaal gedroomd van de beste te zijn in iets? Of toch minstens van een keer de lotto winnen? Is het dan zo moeilijk om iemand anders iets te gunnen? Wetenschappelijke experimenten hebben trouwens bewezen dat het niveau van voldoening bij een loonsverhoging, in de lijn ligt van dat van een loonsverlaging bij iemand anders. Verontrustende eigenschap van het rare wezen de mens.

Maar terug over naar de succesvolle underdogs. Ook in de bedrijfswereld lopen ze rond. Plichtsbewuste medewerkers die geweldig goed zijn in wat ze doen. Vaak onopgemerkt wegens geen behoefte aan veel bombarie. Soms verstopt achter andere, meestal niet zo positieve eigenschappen die in het oog springen. Soms actief gebarricadeerd of gesaboteerd door een naaste collega. Het is als leidinggevende je plicht om het op te merken, maar makkelijk is dat niet. Alertheid is vereist.

Aangezien elke heilige en elke minderheidsgroep ondertussen wel een ‘de dag van’ heeft, pleit ik bij deze voor een gloednieuwe ‘Dag van de underdog’. Gun iedereen het succes, heb oog voor ieders prestaties, klein en groot. We kunnen niet allemaal de beste zijn, maar even het gevoel krijgen dat je goed bezig bent, geeft een mentale boost van jewelste. En ja, smaken verschillen. Maar dat was toch hetgeen waar we niet over konden twisten?

Dag van de underdog! Waarom nog wachten, doe het vandaag!

Gepost op 22 januari 2015

Deze blog vloeit op een kwartier uit de losse pols. Net zoals de teksten op mijn eindejaarskaartjes. De woorden komen recht uit het hart, dus kost het weinig moeite om ze te schrijven. Mijn blad met goede voornemens voor dit nieuwe jaar blijft echter langer maagdelijk wit. Een verklaring? Moeilijk!

Stoppen met roken of drinken is niet aan de orde. Meer sporten evenmin. Minder chocolade eten kan een optie zijn, maar enig genot is toch wel toegelaten? Dat katholieke juk van zo weinig mogelijk plezier beleven, heb ik al enige tijd overboord gesmeten. Zelfkastijding is niet meer van de tijd. Het is 2015 weet je!

Op werkvlak heten goede voornemens dan weer doelstellingen. Gelukkig rollen die iets vlotter uit mijn brein en uit mijn pen. Doelstellingen, op korte en middellange termijn, moet je zorgzaam definiëren. Realistisch vooral. Dat heeft de ervaring me geleerd. Alhoewel die andere SMART-theorieën ook niet misplaatst zijn. Maar doelstellingen zijn nodig. Ambitie! Het mag vooruit gaan. Beloon jezelf en je medewerkers met een uitdaging. Mensen gaan zich er nuttiger door voelen.

Je kan dat trouwens ook indirect doen, las ik in het boek van Wouter Torfs. De doelstelling is om je medewerkers een geweldig fijne werkplek te bieden. Het logische gevolg zijn betere prestaties, en de uiteindelijke groei die je voor ogen hebt. Dat ga ik zeker onthouden. Mooi gevonden, en eigenlijk heel logisch. Dat daar niet meer mensen op zijn gekomen. Raar toch?

Terug naar mijn persoonlijk wit blad. Tandje bijsteken op het werk? Of net minder of anders gaan werken? Ongeveer 50% van de werkende medemens zou vatbaar zijn voor een burn-out. Het is een aandachtspunt. Je goed laten omringen door familie, vrienden en lief blijkt een goede remedie. Misschien moet ik eindelijk aan die ene speciale vlam vertellen hoe ongelooflijk geweldig ik haar vind? Het is een optie, maar… geen voornemen om een gans jaar mee aan de slag te gaan. Of het goede voornemen moet zijn om meer lef te tonen in zulke situaties.

Meer of minder sociale media? Ach, word je daar een beter of slechter mens van? Milieu-gewijs vaker de fiets dan de auto kiezen? Meer op stap gaan met vrienden? Een Plan-kindje nemen? Een ander goed doel steunen? Mijn bureau ordelijker houden? Meer fruit eten? Meer feestjes afschuimen?

En zo zit ik hier, met een zo goed als wit blad op een moment dat velen dat van hen -barstensvol goede voornemens- al in de papiermand hebben gekeild. Het is wat het is. We proberen er een mooi jaar van te maken. Misschien kan ik al starten met mijn goede voornemens voor 2016 op te lijsten. Kwestie van zeker op tijd klaar te zijn. Als dat geen machtig voornemen is!

Gepost op 6 januari 2015