U bent hier

Fons blogt... - september 2010

Door de explosie en het zinken van het boorplatform Deepwater Horizon zijn in de Golf van Mexico in totaal liefst 4,9 miljoen vaten olie oftewel 870 miljoen liter olie in de zee terechtgekomen. Een gigantische verspilling van “natural resources” en een regelrechte milieuramp die zeldzame diersoorten zoals de zeeschildpad, de roodhalsreiger en de blauwvintonijn in hun voortbestaan bedreigen. De effecten op langere termijn op verschillende eco-systemen worden door universitaire onderzoeksteams als uiterst zorgwekkend beoordeeld. Het management van BP – de uitbater van het platform – ging tijdens deze ramp grondig en herhaaldelijk in de fout door de ernst van de situatie te minimaliseren en weinig open en empatisch te communiceren ten aanzien van de lokale bevolking en de betrokken milieu-stakeholders.

Als we evenwel niet oppassen staat ons op de arbeidsmarkt een even grote milieuramp te wachten waarbij tonnen talent roemloos worden uitgestoten. Onze lage werkzaamheidsgraad is een teken dat we veel, teveel talent verspillen. Ouderen, jongeren van allochtone origine, personen met een arbeidshandicap, personen met een gat in hun CV en kortgeschoolden verdwijnen als zeldzame soorten in de periferie van de arbeidsmarkt. Hun competenties en passies zitten verborgen onder de smurrie van de vooroordelen. Een slechte aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt en een stereotype kijk op competenties leidt tot een megagroot verlies van “human resources”. Niet alleen borrelt her en der de vrees op voor een deels verloren generatie van jongeren, zeker jongeren uit de kansengroepen, maar ook en vooral bij de vijftigplussers gaat er (te)veel talent overboord omdat ze te snel en te overdreven uitstromen of te weegschaalachting instromen. Er staat geen trechter op onze arbeidsmarkt die de uitstroom van vijftigplussers tegenhoudt.

De arbeidsmarkt van morgen vraagt HR-managers die elke verspilling van talent bestrijden en voortdurend oog hebben voor een gezond, eerlijk en respectvol arbeidsmarktmilieu … die een “diepe horizon-kijk” hebben op elk talent. Geen HR-managers die BP-manager zijn en een Blind Personeelsbeleid voeren op de golven van de conjunctuur maar HR-managers die op zoek zijn naar divers talent. HR-managers die niet zoals de BP-manager de waarschuwingen in verband met veiligheid naast zich neerleggen ten voordele van uitsluitend korte termijn-doelstellingen maar HR-managers die proactief en zonder vooroordelen de nodige “veiligheidsmaatregelen” treffen om andersgebekt, andersgekleurd (én grijs is ook een kleur) en andersgevormd talent aan te werven en aan de onderneming te binden vanuit een lange termijn-strategie. HR-managers die beseffen dat de verspilling van talenten de komende decennia het arbeidsmarktmilieu grondig zal bezoedelen met alle maatschappelijke en sociaal-economische gevolgen vandien.

Als HR-managers deze uitdaging niet opnemen verdienen ze allicht een (olie)koekje van eigen deeg, net zoals BP! Dat bedrijf moest vaststellen dat de uiteindelijke oplossing om het lek definitief te dichten niet van hun hele team van topingenieurs kwam maar wel van een “eenvoudige” loodgieter, Joe Caldart. Of hoe talent op onverwachte plaatsen zit en soms verrassend dichtbij. Hoe relatief het onderscheid is tussen laag- en hooggeschoolde wanneer het over talent, passie, goesting én creativiteit gaat. Hoe interesses en competenties zich doorheen het leven kunnen ontwikkelen …

Elk talent aanboren lijkt me dan ook de uitdaging voor elk HR-platform!

Afstandsonderwijs! Wie heeft dit begrip uitgevonden? Wellicht één of andere onderwijsdeskundige uit de vorige eeuw die doordrongen was van het klassikaal onderwijs én het internet beschouwde als een minderwaardige leer- en informatiebron. Want geef toe, welk onderwijs staat nu dichter bij de lerende dan het zogenaamde afstandsonderwijs. Je kunt het volgen wanneer je maar wil… een ochtendmens of een nachtuil? Het maakt niet uit. Je kunt het overal volgen… in de keuken, in bed, op kantoor, in de tuin, op straat, in het bad (mits aandacht voor je persoonlijke veiligheid) of in het kleinste kamertje ter vervanging van de moeilijker hanteerbare krant. Geïnteresseerd in een heel opleidingspakket, een opleiding, enkele modules of slechts één onderdeel? No problem! Het kan allemaal. Web 2.0 opent bovendien de deur naar nieuwe leermethodieken gebaseerd op samenwerking en interactieve communicatie. Denken we maar aan “collaborative e-learning”, informeel leren en edugames. Opleiding, ook via het web, verstrekken houdt dus veel meer in dan leerstof aanbieden. Persoonlijk en rechtstreeks contact tussen cursisten onderling of tussen cursist en coach is onmisbaar om het leerproces compleet te maken. De afstand in kilometers is niet zo belangrijk. Het gevoel altijd contact te kunnen opnemen met studiegenoten, dat creëert nabijheid.

Alle actoren in de onderwijs- en opleidingswereld hebben de afgelopen jaren inspanningen geleverd om mee te zijn met de evolutie van afstandsleren naar nabijheidsleren. Van academisch niveau met de Open Universiteit over het volwassenonderwijs met de Centra voor Volwassenonderwijs en Centra voor Basiseducatie tot de beroepsspecifieke opleidingen van Syntra en VDAB. In de privésector werd e-learning evengoed ingezet. Je bijscholen en je kennis en kunde op peil houden is niet alleen een persoonlijke verrijking, maar ook een noodzaak voor onze kenniseconomie.

Toch werd die nabijheid niet zo ervaren door alle leerders. De roep om face-to-facecontact was te groot om te negeren. Dit leidde tot de geboorte van blended leren of gecombineerd leren: de mix van contactleren en webleren, van fysieke nabijheid en virtuele afstand, van structuur en flexibiliteit.

Maar of het nu zuiver afstandsonderwijs of gecombineerd leren betreft, het blijft voor ons onderwijssysteem een vreemde eend in de bijt. En dat staat haaks op het leer- en zoekgedrag van kinderen en jongeren. Niet verwonderlijk dus dat onze Vlaamse kennisgoeroe Jef Staes in zijn lezingen stelt dat de kinderen en jongeren vandaag veel meer leren buiten de school via het internet dan binnen de school. Het is dus echt nodig dat we deze evolutie erkennen en meenemen in het “gewoon onderwijs”. Maar waar staat Vlaanderen in het Europese onderwijs- en opleidingslandschap van de toekomst? Vlaanderen heeft zich de laatste jaren veel moeite getroost om computer en breedbandinternet thuis en ingeburgerd te krijgen. Maar de integratie van al dat moois in onderwijs en opleiding wil niet zo vlotten. Zeker, er zijn zeer mooie showcases, waardevolle projecten en proeftuinen of omvangrijke inventarissen van tools, maar je kan ze nog allemaal bij wijze van spreken samenvatten in één boekdeel zoals Taccle dit deed. Onderzoeken met een groter vogelperspectief plaatsen Vlaanderen eerder in de slome middenmoot.

Kijken we even over de taalgrens, dan moet Vlaanderen in vergelijking met Wallonië zelfs het onderspit delven. learn-on-line.be is een overkoepelend initiatief van alle Franstalige opleidingsverstrekkers. Men houdt er de vinger aan de pols, ontwikkelt gezamenlijke projecten en brengt mogelijke partners samen. AWT is het Waalse agentschap voor telecommunicatie en ondersteunt financieel en logistiek allerhande initiatieven ter bevordering van e-learning zoals bijvoorbeeld het allereerste seminarie over Serious Game in Wallonië. Een dergelijke overkoepelde instelling met dezelfde doelstellingen heeft Vlaanderen nog niet.

Er is dus nog méér dan één afstand te overbruggen om het afstandsonderwijs als volwaardige opleidingsvorm te (h)erkennen.