U bent hier

Fons blogt... - april 2011

Enkele jaren geleden leerde ik Caro kennen tijdens een paneldebat op het jaarlijks “Armoede-congres” in Antwerpen. Caro was ervaringsdeskundige-in-de-armoede en sprak vanuit haar hart en buik met veel passie en overgave over haar collega’s in armoede. Ze bezorgde de professionele “hulpverleners” een ongemakkelijk gevoel omdat ze te zeer voorbijgingen aan de intrinsieke capaciteiten van mensen-in-armoede. Ze predikte dat de hulpverleners te weinig vertrokken vanuit de kracht van deze mensen en niet echt in staat waren om voldoende inlevingsvermogen te vertonen. Niet dat ze hen dit kwalijk nam - integendeel ze was overtuigd van de goede bedoelingen -, maar ze pleitte nadrukkelijk voor een ander soort “hulpverlening” gesteund op ervaringsdeskundigheid. Het was een pleidooi dat aansloeg in de zaal.

Het eerste contact tijdens dat debat was van mijn kant nochtans niet erg geslaagd want ik noemde haar Cora (blijkbaar bepalen de viandellen en frikadellen van Cora van de Mora onbewust mijn mensbeeld). Bovendien klopte ze me als panellid moeiteloos met de punten. Ze zei zeer zinnige dingen over de beperkingen van de VDAB-dienstverlening ten aanzien van werkzoekenden-in-armoede; deze dienstverlening was te “lineair” ingericht, te zeer alleen gefocust op professionele integratie en te weinig vermogend om werkzoekenden-in-armoede te sensibiliseren, motiveren en aan te spreken. Daarbij gaf ze ook direct “wijze” aanbevelingen mee, zoals het werken met ervaringsdeskundigen en aan een integrale aanpak die het domein van het werk overstijgt. Sedertdien legden we in de VDAB een hele weg af in het beter leren omgaan met deze doelgroep. Er werden ervaringsdeskundigen aangetrokken, de specifieke methodiek van W2-trajecten werd opgezet en verder ontwikkeld (W2 = werk x welzijn) en er kwam een specifieke uitbesteding voor zo’n trajecten. Doorheen dit proces kruiste Caro regelmatig mijn pad.

Vorige week zag ik haar terug op het jaarlijks Armoede-congres. Ze kwam me vol lof en met sprankelende ogen spreken over haar nieuwe passie, het wielrennen. Ze wist dat ik deze passie met haar deelde. Caro had met de steun van de Bond Moyson en de Vlaamse Wielerschool deze zomer succesvol “l’Etappe du Tour” gereden, een heuse bergrit over meerdere cols met aankomst op de Tourmalet. Haar entourage was op voorhand vrij sceptisch over haar slaagkansen maar zijzelf bewees weer eens het tegendeel. Ook nu weer verkeken de “professionals” zich op haar competenties. De kracht komt van binnenuit, dus heeft blindstaren op uiterlijke kenmerken weinig of geen zin.

Met de woorden van Piet Huysentruyt zou ik jullie kunnen vragen “wat hebben we uit het verhaal van Caro geleerd?” Ik onthoud in elk geval dat ik een sjieke madam heb leren kennen die haar klimmerscapaciteiten in het leven én op de fiets heeft getoond… een vrouw met visie en doorzettingsvermogen, die motiveert én inspireert…. Ze is geen ervaringsdeskundige-in-de-armoede maar wel een ervaringsdeskundige-in-de-menselijke rijkdom.
Caro was eigenlijk nooit “arm”, wij waren arm door haar rijkdom aan competenties te negeren. Zij heeft mij en vele anderen bewust gemaakt van haar competenties. Er lopen ongetwijfeld nog tientallen Caro’s rond… mensen met verborgen competenties en onontgonnen talenten…die we niet (h)erkennen omdat we geen competentiebril opzetten! Hopelijk trekken we hieruit lessen wanneer we weer eens één of andere Caro ontmoeten.
 

Gepost op 11 april 2011