VLAANDEREN.be

U bent hier

Fons blogt...

Ook in het nieuwe jaar blijven dezelfde HR-topics opduiken. Klaarblijkelijk wordt het debat over HR én de arbeidsmarkt nog niet scherp genoeg afgelijnd. HR is nog steeds teveel “business as usual” en te weinig (loop)baanbrekend! De “War on Talent” kan niet gewonnen worden met een conservatieve kijk op arbeidsmarktinstituties. Geen “War on Talent” zonder een “War on HR-Dogmas”, dus! Daarom tien stellingen die HR-managers toelaten er als zelfsturende teams mee aan de slag te gaan.
“Eigen volk eerst (aan de slag)” 
We moeten eerst en vooral investeren in het motiveren en activeren van onze jonge allochtonen en onze werkzoekende 50-plussers. Bovendien is de werkloosheid tot driemaal hoger in Wallonië en Brussel. In Vlaanderen komen deze groepen echter nauwelijks aan de bak. Er is dus nog heel wat ‘eigen volk’ om in onze bedrijven te werken. Maar tegelijkertijd mogen we met het oog op de toekomst niet wachten om voor sommige knelpuntberoepen geschikte kandidaten aan te trekken uit andere Europese landen.
“Zonder diversiteit is jouw werkvloer maar een saaie boel!” 
Nog te veel zoeken de jonge blanke, goed opgeleide selectie- en wervings-verantwoordelijken naar witte raven, blanke “clonen” en negeren ze daardoor de rijkdom aan diversiteit die overigens ook bij de klanten aanwezig is. Heeft uw bedrijf angst van andere culturen of staan er met het suikerfeest steevast door uw collega zelfgemaakte zoetigheden op uw bureau en in de cafetaria?
“Leukste plek is onder de waterval!”
Het technisch- en beroepsonderwijs kampen in Vlaanderen met een slecht imago. Ouders en CLB’s stimuleren jongeren om zeker ‘eerst te proberen’ in het ASO, want dat is de beste garantie op een goede job… Nochtans is er een groot tekort aan technisch geschoold personeel in onze bedrijven, en verdient een technische job gemiddeld zeker niet minder dan de gemiddelde bureaujob. Als we echter de jongeren en hun ouders willen overtuigen dat het best leuk is onderaan de waterval, moeten we ook de achterhaalde opsplitsing tussen het arbeiders- en bediendenstatuut bij de vuilbak zetten.
“Als een 50-plusser niet rendabel is, is dat niet de schuld van die 50-plusser!”
Eén van onze grootste arbeidsreserves bestaat uit de 50-plussers. Willen we de knelpuntvacatures bestrijden, dan moeten we zowel meer 50-plussers aan het werk houden als 50-plussers herinschakelen. Maar 50-plussers zijn vaak moeilijker te kneden en bovendien duur… Daarom moeten we durven nadenken over ons huidig loopbaanmodel. Een oudere werknemer kan langer op niveau blijven presteren mits een aangepaste arbeidsorganisatie. En is het wel logisch dat lonen blijven stijgen op basis van anciënniteit? Is een 50-plusser dan per definitie productiever dan een 30-er? Die 30-er heeft namelijk net een huis gekocht en zou elke extra euro best kunnen gebruiken…
“Een banaba, een banabanaba, een manamanama…” 
Recruiters zijn te vaak op zoek naar de witte raaf met het allerhoogste diploma (die natuurlijk moeilijk te vinden is) terwijl het vaak meer loont om op zoek te gaan naar kandidaten met de juiste set (basis)competenties die je vervolgens intern verder opleidt. Moeten we de diplomadrift niet enigszins afremmen en overgaan tot een andere invulling van leren én werken?
“Zijn we al klaar voor geactiveerde werkloosheidsuitkeringen?”
Méér mensen moeten langer en anders werken. Die doelstelling zullen we enkel kunnen behalen indien we bereid zijn alle sociale maatregelen en instrumenten activerend in te zetten in functie van deze doelstelling. Ons huidig stelsel van werkloosheidsuitkeringen zet werkzoekenden te weinig aan om alles op alles te zetten om zo snel mogelijk terug aan de slag te gaan. En hoe langer iemand werkzoekend blijft, hoe moeilijker het wordt om terug een passende job te vinden.
Maar: als we de werkloosheidsuitkeringen sneller laten dalen, moeten we tegelijkertijd onze werkzoekenden nog veel beter maatgericht bemiddelen zodat ze zeker terug op de rails staan voor ze in armoede verzeilen!
“Ontsla het ontslagrecht!”
Vandaag bekleedt het ontslagrecht een erg prominente plaats in het sociaal beleid, terwijl het in feite een passieve inkomensgarantiemaatregel is. Is het niet wenselijk dat het recht op herplaatsing eerst komt en dat elke werkgever hiervoor prioritair instaat en mee betaalt via de loopbaanrekening van elke werknemer of een individueel rugzakmodel? Moeten we dus het recht op de opzeggingsvergoeding niet met een pennentrek vervangen door een recht op herplaatsing of outplacement? De keuze lijkt me in functie van de doelstelling erg duidelijk: ontsla het ontslagrecht uit het arbeidsrecht en vervang het door een herplaatsingsrecht.
“Vergeet de vergrijzing niet!”
De vastgoedcrisis was nog niet gaan liggen of de banken gingen bijna overkop, maar hoewel we deze double dip relatief goed doorstaan, mede dankzij een flexibel arbeidsmarktbeleid, komt de grootste uitdaging voor de komende decennia aan de deur kloppen. De komende decennia moeten steeds smaller wordende schouders de pensioen- en ziektekosten van een steeds grijzere bevolking ondersteunen. We moeten met veel meer mensen langer aan de slag, en dus moeten we iedereen activeren maar vooral ook massaal duurzame jobs creëren. Arbeidsmarktbeleid alleen kan hier niet volstaan. Een verlaging van de lasten op arbeid zal bedrijven motiveren in België te (blijven) investeren, maar die lastenverlaging moet gecompenseerd worden. Moet de overheid op een strakker dieet? Verhogen we de lasten op financiële transacties en/of grote vermogens? Verhogen we de BTW? Of alle drie een beetje? 
’t Is niet omdat je werkt dat je niet meer mag dromen”
Je droomt er al van sinds het jammerlijke overlijden van Bobby, je trouwe viervoeter, toen je 6 jaar oud was. Je wenste niets liever dan dat Bobby altijd bij jou zou blijven, en toen je papa in de tuin je dikke vriend zag begraven onder een armtierig zelfgemaakt kruisbeeld nam je voor eens en altijd de beslissing: jij zou dierenopzetter worden!
Nu je echter na je opleiding dierenopzetter de arbeidsmarkt betreedt blijkt echter dat zelfs de meest diervriendelijke dierenvrienden hun huisdier liever begraven, en bijgevolg vind je geen werk. Laat dat je droom niet in de weg zitten! Maar in afwachting van die job van je leven mag je niet bij de pakken blijven zitten. Verruim je jobdoelwit en ga alvast aan de slag, al is het nog niet meteen als taxidermist. Ook als je werkt kan je verder bouwen aan je droom! 
“Thuis is waar mijn pc staat”
Het “Nieuwe Werken” duikt op als model van de arbeidsorganisatie van de toekomst. De grens tussen werken en niet werken vervaagt... ook ruimtelijk. Thuiswerken, telewerken, satellietwerken kennen een gestage opgang. Maar ook productie- en dienstenomgevingen kunnen omgebouwd worden tot innovatieve arbeidsorganisaties. Denk maar aan zelfsturende teams, zelfroosteren, kangoeroeplekken,... Anders werken is de voorwaarde om langer te kunnen werken.
Gepost op 22 januari 2013

In een interview uit 2011 in Trends riep ik het voorbije jaar uit tot het “Jaar van de Eekhoorn”. 2012 zou een jaar worden waarin we harde noten zouden moeten kraken omwille van de sombere economische vooruitzichten. Die zouden we enkel kunnen kraken indien alle arbeidsmarktactoren, ook HR, de beste eekhoorn in zichzelf naar boven zouden halen: wendbaar, flexibel, met een groot aanpassingsvermogen, spaarzaam, inventief...

Vandaag moet ik vaststellen dat we in deze opdracht niet geslaagd zijn. De noodzakelijke koerswijzigingen werden onvoldoende of zelfs helemaal niet doorgevoerd. Ook HR hield gewoontegetrouw te vaak vast aan oude dogma’s en peuzelde gretig verder aan de gekende, lang geleden vergaarde voorraad nootjes... Dit ging ten koste van beweeglijkheid en pro-actief HR-beleid. Daarbij kwam nog dat het voorbije jaar vooral met enkele zware valse noten eindigde zoals de aangekondigde sluiting van Ford en tientallen herstructureringen en collectieve ontslagen... Duizenden getroffen gezinnen!

Het ziet er in 2013 niet naar uit dat het tij zal keren. Het Jaar van de Eekhoorn krijgt een sequel, willens nillens. In de filmwereld is –op enkele uitzonderingen na- de sequel slechter dan de eerste film. Dit mag hier niet het geval zijn. Het moet anders. Het is dan ook meer dan ooit tijd om veranderingen in ons sociaal-economisch bestel daadwerkelijk door te voeren... Geen veranderingen die slechts voetnoten zijn in de sociaal-economische geschiedenisboeken, wel veranderingen die er voor zorgen dat burgers en bedrijven de minder gunstige seizoenen van de komende decennia duurzaam kunnen doorstaan. Want ook harde noten kùnnen wel degelijk gekraakt worden, mits gebruik van het juiste materiaal.

Haal daarom alle notenkrakers boven, overheden, sociale partners en arbeidsmarktactoren, zodat we kunnen bouwen aan de welvaart en het welzijn van onze kinderen en kleinkinderen. Laat ons samen een nieuwe partituur van de arbeidsmarkt schrijven; een inspirerende partituur (Tchaikovsky’s Notenkraker indachtig) die mensen nieuwe zekerheden aanreikt in een constant wijzigende omgeving en die mensen ‘eekhoorngewijs’ de talenten geeft om zich wendbaar aan te passen aan de diverse biotopen van werken, leren en leven. Kraakje kennen we dan niet langer uitsluitend als een symbool van een vroeger kinderprogramma, maar ook als symbool van onze nieuwe sociaal-economische lente.

Gepost op 7 januari 2013