U bent hier

Sloop die muren

“Sloop die muren om me heen. Help me zo bij jou te komen”, zo zingt de populaire Vlaamse bard Johan Verminnen in zijn tijdloos nummer en dansvloerplakker. “Laat me nu toch niet alleen”. Deze zinnen spookten door mijn hoofd tijdens een recent seminarie “Ba(c)k@Work” over de (her)inschakeling van ex-gedetineerden op de arbeidsmarkt. Het is bekend dat de starheid van arbeidsmarktinstituties het best gemeten kan worden bij groepen die een verre afstand tot de arbeidsmarkt hebben. Niet voor niets dus dat deze thematiek vooral volgende vragen oproept: “Hoe kijken we naar mensen? Wanneer denken we talent te (h)erkennen? Kijken we door het juiste vizier? Zetten we onze competentiebril op of kijken we nog met de matte glazen van de vooroordelen?” Het valt op dat we bewust of onbewust met vooroordelen kampen en daardoor mensen (behalve onszelf) geen tweede kans gunnen. In plaats van ons te laten boeien door hun talent, zitten we zelf geboeid in een HR-visie doorspekt met vooroordelen en schijnzekerheden. Zo maken we van de arbeidsmarkt zelf een gevangenis die talenten uitsluit in plaats van insluit.

Met zo’n houding versterken we het stigma dat op ex-gedetineerden kleeft en zeggen we dat het gat op hun C.V. een bodemloze put is waaruit men niet kan klimmen. Dat dit de ex-gedetineerde in een moeilijk menselijk parket brengt, mag blijken uit dit mooi gedicht dat gepubliceerd werd in een rapport van de vzw Grijkoort die actief werkt rond de professionele integratie van deze doelgroep.

Ik ben bang
als de poort opengaat.

Ik ben bang
dat ik op straat sta.

Ik ben bang
dat ze kunnen zien waar ik vandaan kom.

Ik ben bang
voor de vraag: bent u ooit veroordeeld?

Ik ben bang
dat de muur van afwijzing hoger is dan die van de gevangenis.

Mijn God,
ik ben bang
voor mijn invrijheidstelling waarop ik me zo verheug.

De angst die bij ex-gedetineerden leeft om zich terug in de samenleving en op de arbeidsmarkt te integreren, mogen we vanuit de arbeidsmarkt en HR-middens niet voeden, wel integendeel.

Het is onze ervaring en die van heel wat partners op diverse domeinen (justitie, welzijn, vorming, werk, …) dat gedetineerden binnen hun gevangeniscontext heel wat nieuwe competenties opdoen en sleutelvaardigheden verwerven. Bij de uitreiking van leer- en scholingsbewijzen in de gevangenis van Leuven sta ik altijd weer versteld van de enorme leergoesting die ook gevangenen vertonen, de bereidheid om de tweede kans écht en sterker “gewapend” te grijpen, …. Ze hebben helemaal geen gat in hun C.V. maar heel wat nieuwe troeven die ze zo snel en duurzaam mogelijk willen inzetten. De begeleiding die de detentieconsulent van de VDAB, samen met diverse begeleidings- en vormingsactoren, aanbiedt in de gevangenissen, maakt dat de betrokken personen wel degelijk op alle vlakken voorbereid zijn voor een opstap naar de arbeidsmarkt. Zo wordt in het project Ba(c)k@Work in Hasselt samengewerkt rond de uitbouw van een leernetwerk met alle diensten die betrokken zijn bij de tewerkstelling van gedetineerden en rond de sensibilisering van werkgevers. In Leuven-Centraal wordt werk gemaakt van het valoriseren van intra muros -verworven competenties via een ervaringspas voor gedetineerden en wordt er vanuit deze competentiescreening gezocht naar een passende job. In de Mechelse gevangenis is een modulair begeleidingspakket op maat uitgewerkt voor gedetineerden – in – kort - verblijf. Het VELCRO-project focust zich op langdurig gedetineerden met uitzicht op halve of volledige invrijheidstelling vanuit de Oudenaardse gevangenis en probeert door een “klevende” begeleidingsaanpak – vandaar de verwijzing naar “velcro” – voor de gedetineerde zowel binnen als buiten de gevangenismuren resultaat te boeken op vlak van competentie-ontwikkeling. In deze gevangenissen wordt ook via Werkpuzzel een Persoonlijk OntwikkelingsPlan (POP) voor gedetineerden uitgewerkt die de opstap naar de arbeidsmarkt moet faciliteren.

Het is dan ook absoluut nodig dat we dit geactiveerd talent omarmen. Doen we dit niet dan negeren we niet alleen talent maar versterken we ook de starre werking van onze arbeidsmarkt en houden we de hoge muren rond zo’n arbeidsmarkt in stand. Dan verdienen wij geen attest van goed gedrag en zeden!