U bent hier

Jobcoach Tamara - november 2015

In mijn bureau zit een barstje. Het lijkt alsof het een stofje is of een vuil plekje. In het begin liet ik er mij telkens weer aan vangen. Ik probeerde het barstje weg te wrijven. Intussen ben ik er aan gewoon, het maakt mijn tot mijn bureau.

Het is grappig om te zien dat andere mensen dat barstje ook opmerken. Ik zie ze erover wrijven, ze proberen het eraf te krabben. Anderen bedekken het om het niet te hoeven zien, alsof onvolmaaktheden niet kunnen in deze wereld.

Dit is mijn laatste blogpost. Als uitsmijter wil ik enkele sollicitatietips met jullie delen.

Iedereen heeft barstjes. Je moet er natuurlijk niet mee te koop lopen, maar je hoeft ze ook niet voortdurend te bedekken. Blijf jezelf als je gaat solliciteren. De werkgever verwacht misschien wel de beste versie van jezelf, maar dat betekent nog niet dat je helemaal perfect moet zijn.

Een goede voorbereiding wordt vaak onderschat. Zoek voor je gaat solliciteren alles op: waar je moet zijn, wat het bedrijf precies doet, wat hun waarden en normen zijn. Kijk ook eens rond of je meer informatie vindt over de recruiter bij wie je op gesprek mag. Misschien delen jullie wel dezelfde interesses en ken je het daarover even hebben?

Wed niet op één paard. Ik zie soms mensen die zich zo focussen op één sollicitatie dat ze niet meer verder zoeken. Ook al lijkt het erop dat je de droomvacature hebt gevonden: het is beter om te blijven solliciteren, op verschillende vacatures. Logisch ook: hoe meer je solliciteert, hoe meer kans dat je effectief een job binnensleept.

En tot slot: ja, het is soms moeilijk. Maar geef niet op. Die job komt er wel. De aanhouder wint, je komt er wel.

Ik wens iedereen veel succes, en bedankt om mijn blog de voorbije weken te lezen!

Stilzitten, dat is niets voor mij. Op m’n werk niet, en thuis evenmin. Ik heb altijd wel iets om handen. Mijn partner echter is een kei in -af en toe- eens helemaal niets doen. Volgens hem is het een typisch mannelijke eigenschap. Gelukkig weet ik wat ik moet doen als hij zo’n luie bui heeft: gewoon met rust laten, dan gaat het vanzelf weer over.

Toch heb ik één regel voor hem, lui of niet: als er thuis iets naar de bovenverdieping moet, dan zet ik dat beneden klaar aan de trap. Wie het eerst naar boven gaat, neemt het mee. Gemakkelijk en eenvoudig. Toch is dat buiten de creativiteit van manlief gerekend: staan er spulletjes klaar om mee te nemen, dan ziet hij de trap als een hindernissenparcours. Vraag ik waarom hij niets meeneemt, dan antwoordt hij met de meest onschuldige blik dat hij niet zag dat er iets klaarstond. Herkenbaar?

Gisteren spraken we af met een bevriend stel. Toevallig kwam ‘onze regel’ ter sprake, en ook bij hen was het de man des huizes die liever de trap ontweek dan iets naar boven te dragen. Al snel spanden de mannen samen: ze begrepen niet dat wij vrouwen dingen klaar legden onderaan de trap maar niet meteen naar boven droegen. Als je toch onderweg bent, dan maakt dat kleine eindje toch niets meer uit?

Ergens moest ik hen gelijk geven. Zo’n stukje trap op en weer af is bovendien nog goed voor m’n conditie ook. Mijn vriend glimlachte tevreden toen ik voorstelde om onze regel af te schaffen. Die glimlach maakte echter snel plaats voor gefrons, toen ik zei dat er iets tegenover stond: ik stelde voor om vanaf dan het werk in ons huishouden eerlijk te verdelen. Schoorvoetend gaf hij toe.

Ik ben al aan het uitkijken wat ik ga doen met die extra vrije tijd. Iemand tips?

Soms denk ik terug aan de dag dat ik 18 werd. Ik herinner het me nog goed. Wat voelde ik me volwassen. Het was een warme woensdagmiddag en de zon stond hoog. Ik verzamelde al mijn moed en vroeg mijn vader of hij chauffeur wilde zijn, want ik was er klaar voor. Niet voor één of ander afspraakje, wel voor mijn theoretisch rijexamen.

Ik was een tikje zenuwachtig. Het was niet zo’n lange autorit, hooguit een halfuur, maar het leek wel uren te duren eer we bij het examencentrum waren. Onderweg werd ik steeds zenuwachtiger.

Aan het onthaal zag ik een jongeman die net terugkwam van z’n examen. Uit zijn blik kon ik opmaken dat hij niet was geslaagd. Dat wou ik niet meemaken!

Eindelijk was ik binnen. Ik zette me achter een computer en zei tegen mezelf dat ik er klaar voor was, maar eigenlijk voelde ik me allesbehalve zo. Ik deed de test en… Ik was niet geslaagd. Ik voelde me slecht en, toegegeven, ik liet een traantje.

Op aandringen van mijn moeder bleef ik niet bij de pakken zitten. Een week later deed ik een nieuwe poging. Met succes, deze keer! Je kunt je niet voorstellen hoe blij ik was. Een rijbewijs behalen is zo belangrijk.

Ik wil maar even zeggen: soms moet je eens iets minder leuks doen om een doorbraak te forceren. Een stresserend rij-examen, bijvoorbeeld. Dan moet je volhouden en doorbijten. En achteraf de vruchten van je inzet plukken. En dat is precies wat ik elke werkzoekende tijdens het zoveelste sollicitatiegesprek of assessment toewens. Heb vertrouwen, ooit komt het goed.

“Wat doe je voor je werk?” Het is één van die standaardvragen die steevast opduiken als mensen elkaar ontmoeten. Ik antwoord dan dat ik werkzoekenden begeleid in hun zoektocht naar een job. Als ze mij vragen hoe ik dat doe, durf ik wel eens lachend zeggen “door hen een schop onder hun gat te geven”. Dat is natuurlijk bij de haren gegrepen, al hebben sommigen echt wel een extra duwtje nodig.

Ik zie de klanten die ik begeleid om de twee weken. Dan overlopen we de sollicitaties die ze gedaan hebben, en bekijk ik of de klant extra hulp of ondersteuning nodig heeft. Nog maar pas was er een werkzoekende bij mij die een serieuze duw in de rug nodig had. Hij belde me vlak voor onze afspraak, en vroeg of het zin had dat hij nog langskwam. Hij gaf meteen toe dat hij de voorbije twee weken niets had gedaan om een baan te vinden. Ik kon hem overtuigen om toch te komen. Zijn motivatie was ver te zoeken, maar ik gaf niet op. We zochten samen naar vacatures en ik liet hem meteen naar werkgevers bellen. De begeleiding liep niet van een leien dakje, maar uiteindelijk vond hij wel werk.

Andere klanten zijn dan weer helemaal het andere uiterste: ze zijn zo gemotiveerd dat ze hemel en aarde bewegen om aan die ene job te geraken. Hoe moeilijk hun zoektocht ook verloopt, ze blijven volhouden, vaak met succes. Dat vind ik erg inspirerend. Ik heb een dame gekend die niets liever wou dan in de verkoopsector werken. Het kostte haar veel moeite en tijd, maar ze heeft nu wel werk in een decoratiewinkel. Als ik ze toevallig tegenkom is ze nog altijd even enthousiast over haar baan als in het begin.

Samengevat: blijf proberen. Ook al lukt het niet meteen: wat niet is, kan zeker nog komen.

Gisteren was het een feestdag. Voor mij betekent dat doorgaans een dagje thuis samen met familie, koekjes bakken en alle dingen doen waar ik anders niet veel tijd voor heb. Wapenstilstand is bovendien een speciale feestdag. Zeker bij ons, in de stad Ieper. Eerst en vooral worden de gesneuvelde soldaten herdacht door de vele poppies -klaprozen- en The Last Post onder de Menenpoort. Maar belangrijker voor de kinderen: op de vooravond van 11 november doet Sint-Maarten zijn intrede per boot in de stad. Dat is altijd een groot feest.

Eens de Sint gearriveerd is, weten mijn vrienden dat de kerstboom wordt opgezet bij mij thuis. Mijn liefde voor Kerst is enorm. Met al die zwarte, steeds donker wordende dagen heb ik dat nodig. Kerst geeft mij hoop en brengt een glimlach op mijn gezicht. Ik kan blij zijn als een kind als ik ontdek dat de kerstdecoratie in de stad hangt en er overal kerstmarktjes met gluhwein zijn. Daardoor worden de mensen in deze grauwe periode net iets zachter en vrolijker.

Ook op mijn werk zetten we een kerstboom en versieren we ons bureau. En de werkzoekenden? Die krijgen weer een beetje meer hoop. Want januari komt dichterbij, en dat betekent meer werkmogelijkheden. Maar laten we nog niet uitkijken naar januari. Eerst moet de Kerstman nog komen. Ho ho ho!

Dromen. We hebben er allemaal wel enkele. Het mooie aan dromen is dat ze werkelijkheid kunnen worden, zeker als het over werk gaat. Heb je een passie waar je volledig voor wilt gaan, maar niet het juiste diploma? Wanhoop niet. Met het nodige geduld, de juiste aanpak en een portie geluk kan je toch je droom waarmaken. Zoals Jon.

Jon was bij mij in begeleiding. Hij had een diploma elektriciteit en werkte als arbeider. Niet slecht, maar hij droomde van iets anders. Het liefst van al wou hij een job waarin hij zijn passie voor computers kwijt kon. Ooit was hij begonnen aan een hogere opleiding, maar die maakte hij door omstandigheden niet af. Noodgedwongen zocht en vond hij ander werk.

Elke dag zette Jon zich volledig in op zijn werk. Hij kwam altijd op tijd, presteerde ongevraagd overuren als hij zag dat er veel werk was en sprong bij waar nodig. Hij had er zich min of meer bij neergelegd dat hij nooit iets anders zou doen. Maar die droomjob, die bleef in zijn hoofd rondspoken.

Een jaar later verscheen er een interne vacature op zijn werk… voor de job die hij zo graag wou! Jon belde me op. Hij twijfelde. Hij had het juiste diploma niet, was bang dat zijn collega’s hem zouden uitlachen. Ik moedigde hem aan. Zo’n kans kon hij toch niet laten schieten?

Jon solliciteerde, mocht op gesprek en legde testen af. Een maand lang hoorde hij niets. De onzekerheid groeide. Tot hij me opbelde met nieuws: hij had de job gekregen, zijn droom ging in vervulling!

Geef ze dus niet op, die dromen, ook al moet je soms een stapje lager beginnen. 

Elke dag begeleid ik mensen die op zoek zijn naar werk. Werkzoekenden vertellen me over hun sollicitatiegesprekken, en het valt me toch wel op dat daar soms eigenaardige vragen worden gesteld. Welk dier of welke superheld zou je zijn als je kon kiezen? Wat zou je aan jezelf willen veranderen?  Of stel dat je de Lotto wint, wat zou je dan doen?

Onlangs kreeg een klant van me een wel heel vreemde vraag voorgeschoteld: “Stel, je bent een krijtje. Welke kleur zou je dan hebben?” De klant vroeg me wat ik daarop zou zeggen. Wit, was mijn antwoord. Wit is toch de populairste kleur van krijt, nee? Ik vroeg wat zij had geantwoord. Kleurloos, zo bleek. Zodat niemand haar fouten zou zien.

Ik werd er even stil van. Is het niet jammer dat we in een omgeving leven waarin fouten niet meer kunnen? Het meisje dat tegenover mij zat was zo bang om fouten te maken dat ze haast niet durfde te solliciteren. Ik moedigde haar aan om te blijven proberen en niet bang te zijn.

Toen ik ’s avonds thuis kwam stelde ik de vraag aan mijn partner. Het leverde een leuk gesprek op. Ik begon te twijfelen aan de kleur van mijn krijtje. Waarom veilig wit als er zoveel interessantere kleuren zijn? Vuurrood, smaragdgroen, hemelsblauw… Welke kleur zou jij voor jezelf kiezen? 

Ik heb een hekel aan dinsdagen. Op maandag geniet ik nog na, woensdag is mooi in de helft van de week en op donderdag wenkt het weekend al, om ’s vrijdags weer helemaal in de stemming te zijn! Maar… dinsdagen dus. Een dag waarop ik echt naar niets uitkijk. Gelukkig is er een remedie: een verkwikkend kopje koffie en een stuk chocolade verzacht mijn dinsdaghumeur.

Een aantal dinsdagen geleden stond een groepstraining op de planning. Werkzoekenden kijken daar meestal niet zo naar uit. Misschien hebben zij ook een hekel aan dinsdag? Nu had ik iemand bij mij zitten, Jan. Hij zag er wel erg tegenop. Zo erg dat hij niet meer wou meewerken. Na een paar gesprekken kon ik hem toch overtuigen de eerste sessie mee te volgen. Zo gezegd, zo gedaan.

Ik zie Jan nog steeds binnenkomen. Een beetje verlegen maar vooral verveeld. Hij zette zich op de stoel, keek meteen op zijn horloge en draaide met zijn ogen. We waren met vijf, en hadden het over de zoveelste afwijzing en over onbeantwoorde sollicitaties. Het was een levendig gesprek. Iedereen herkende zich in elkaars situaties, harten werden gelucht. Jan hield zich afzijdig, maar na een uur veranderde dat: hij kon niet anders dan deelnemen aan het gesprek. Wat hij hoorde was zo herkenbaar dat ook hij zijn steentje wou bijdragen.

Zo leerde Jan Ronald kennen. Ronald stelde op het einde van het groepsgesprek voor om samen te solliciteren bij een fabriek waar ze dringend mensen nodig hadden.  Raad eens? Een paar dagen later hoorde ik dat Jan zo werk had gevonden!

Fier als een gieter kwam hij zijn contract binnenbrengen. “En dat allemaal door de groepssessie die ik eigenlijk niet zag zitten,” zei hij met een glimlach. Hij bedankte me dat ik hem toch kon overtuigen om mee te doen. Mission accomplished.

En jawel, zijn eerste werkdag was ook op een dinsdag! Misschien zijn die dagen toch nog niet zo slecht.