U bent hier

Manager Steven - maart 2011

meerval

Er is een legende in Japan die zegt dat de aardbevingen in Japan worden veroorzaakt door een gigantische vis: de meerval (Namazu) die onder het Tokyogebied leeft. Ieder maal als die vis zijn staart uitslaat, hebben ze prijs. De onderwereld is kwaad, de bovenwereld moet beven. Meervallen bestaan echt en worden heel zenuwachtig als er een aardbeving in aantocht is. Ze voelen die trillingen in hun baarddraden. Wellicht is de legende zo ontstaan...

Leven in Tokyo is leven met en op aardbevingen. Tijdens de drie jaar die ik in de hoofdstad doorbracht, kreeg ik letterlijk eens een aardbeving geserveerd als ontbijt, als lunch op kantoor, als avondmaal in de Karaokebar en de meest angstaanjagende: als wake up call om 3 uur in de nacht. Ik werd uit mijn diepste slaap wakker geschud, liggend op mijn futon, slaapdronken. Maar direct greep verlammende angst me naar de keel. Alles schudde door elkaar op het achtste verdiep waar ik sliep: het kraakte, piepte, donderde, siste...  

Op zo’n moment ben je sprakeloos, je wacht, je probeert af te tellen maar het blijkt een eeuwigheid te duren. Dan is het plots over en vult de omgeving zich met een oorverdovende stilte. Het eerste wat je daarna hoort zijn de honden die beginnen te blaffen naar elkaar. Wat ze naar elkaar toe roepen is een raadsel, maar niet zelden beweren ze in Japan dat je de dieren moet bestuderen om een aardbeving te kunnen voorspellen.

Een paar minuten na de aardbeving worden dan via vaste luidsprekers bezwerende boodschappen omgeroepen dat we rustig moeten blijven, dat het niet zo ernstig was en dat alles wel goed komt maar dat het beter is dat je hogere oorden opzoekt voor de tsunami. Als het tsunamiverhaal afgeblazen wordt, galmen die luidsprekers op straat opnieuw. Ook via de radio worden direct zalvende berichten de wereld ingestuurd over de zoveelste “Jishin”. Die nachtelijke aardbeving van mij werd in een kort krantenbericht beschreven als moderate want hij was maar 5.9. Op naar de volgende aardbeving.

Tot mijn verrassing linken Japanse mensen niet zelden België aan hun aardbevingen. Reden? In 1923 hadden ze een mega aardbeving met 100.000 doden. België was een van de eerste landen om hulp te bieden. Dit feit stond lange tijd in de Japanse schoolboeken vermeld en dit was een reden waarom we voor een keer in het goede daglicht stonden als land.

Voor mij is dit natuurfenomeen een ware gruwel, waar niemand immuun kan tegen worden. Het is een gruwel op basis van het hoogste verraad. Je kan zelf niet meer vertrouwen op de grond onder je voeten. Moeder aarde, “terra firma” veegt de voeten aan onze grootste fundamentele zekerheid in ons bestaan. Dan pas weet je hoe nietig je bent, een gevoel dat je ook op zee kan hebben. Maar voor water heb ik toch meer een natuurlijke angst, niet voor de begaanbare grond.

Het mooie land met zijn prachtige natuur lijkt soms op een sprookje. Maar het grootste probleem van de Japanse gemeenschap is dat het gebaseerd is op een onbetrouwbare fundatie. Sommige mensen  beweren dat dit feit van aarbevingen -zeker voor het Noordelijke gedeelte van Japan- de mentaliteit van Japanners heeft geschapen. Wat ook de waarheid is, de Japanners zijn veroordeeld om in een prachtige tuin te slapen, maar in die tuin kunnen ze nooit een zorgeloze nacht doorbrengen. Dus hebben Japanners nooit echt vertrouwen in de waarheid, in de mensen en in het bestaan. Een fatalisme waarmee de doorsnee Westerling soms moeilijk kan leven.

Heel veel mensen -inclusief journalisten- vragen mij en ons bedrijf om te getuigen in deze dagen. Ik heb echter het gevoel dat er een soort omerta heerst en opgelegd wordt, zeker in de Japanse zakenwereld. Nu vandaag fabrieken moeten stilgelegd worden wegens een opgelegde powercut van de overheid hebben de zakenmensen geen idee waar en hoe het zal eindigen.

Ik heb het gevoel dat het land letterlijk en figuurlijk op zijn grondvesten aan het daveren is.

Gepost op 14 maart 2011