U bent hier

Manager Steven - januari 2012

Vorige week bezocht ik in het mooie Porto een Portugese leverancier. Dit bezoek heeft me een lesje geleerd. Ik heb gemerkt hoe de economische crisis in Europa gaten heeft geslagen in de boeg van de werkzekerheid.

Tot en met begin vorig jaar dachten de Portugezen dat hun status als werknemer op alle vlakken onaantastbaar was en dat vadertje staat of ‘moederke’ bedrijf daar garant voor stond. Maar dat bleek een illusie. Tijdens mijn zakenreis ontmoette ik Antonio en Luis: allebei geslaagde veertigers die voor een petrochemisch bedrijf werken. Ze gaven me losjes uit 'de vuist' een resem veranderingen die de afgelopen 8 maanden plaatsvonden in de Portugese werksfeer.

Ze vertelden me dat de overheid het loon van de ambtenaren met 7 procent naar beneden haalde. De twee extra maanden loon in juni en december werden afgeschaft ook al was dat een verworven recht. In de privésector konden de werkgevers bij wet de lonen niet verminderen. Oplossing: hun personeel gewoon meer uren laten werken voor hetzelfde loon. De mensen krijgen nu 4 vakantiedagen minder. En ook het aantal nationale feestdagen waarop de medewerkers vrijaf krijgen, werd afgebouwd. Medewerkers die een brug willen maken voor een nationale feestdag moeten nu twee keer vakantie nemen: voor de dag zelf en voor de nationale feestdag!

De pensioenleeftijd is in Portugal al vastgelegd op 65 jaar, maar daar blijft het niet bij. Er is nu een wiskundig model in voege dat op basis van verschillende factoren -zoals levensverwachting en aantal gewerkte jaren- de pensioenleeftijd berekent. Neemt de levensverwachting bijvoorbeeld toe, dan wordt de pensioenleeftijd hoger. Met andere woorden: 65 jaar is de minimumleeftijd waarop ze op pensioen kunnen. Veel Portugezen denken dat ze pas op hun 67ste hun brooddoos niet meer naar het werk gaan moeten sleuren.

Ook op de werkloosheidsuitkeringen werd beknibbeld. Als je in Portugal zonder werk valt krijg je de eerste 2 jaar ongeveer 50 procent van je laatste loon, daarna val je terug op een maandelijkse uitkering van 438 euro.

En dan heb je nog de BTW. Naar een visrestaurant gaan om wat kabeljauw te eten, werd plots 17 procent duurder want de BTW ging als een vuurpijl van 6 naar 23 procent. Dat geldt ook voor alle andere zaken zoals energie. Enkel melk en brood vormen een uitzondering.

De opsomming van Antionio en Luis was een eindeloze treurzang waar elk Fadolied een punt kan aan zuigen. Toen ik hen vroeg waarom de mensen hier niet wat meer tegen in opstand komen, kreeg ik een heel laconiek en wat cynisch antwoord.

“Wij zijn geen Grieken! Wij Portugezen hebben ook in het begin eventjes geprotesteerd en hebben een paar maal furieus gestaakt maar dat is niet onze ware natuur. Al vlug hadden wij door dat we daarmee niets gingen oplossen. De realiteit is wat ze is en we moeten een andere weg op.”

Ik was met verstomming geslagen door zoveel berusting, maar ook moed. Ze hebben de wil om iets positiefs te maken van een rampscenario. Ze zijn bereid om nu opofferingen te doen in de hoop dat hun kinderen later een betere toekomst krijgen.

Raar maar waar: in Portugal denken ze dat België in hun voetsporen zal treden qua verval en heropstanding. Met de besparingen en het pensioen zetten we inderdaad onze eerste pasjes. De vraag is: met of zonder stakingen? Verzet zit ook niet in ons Vlaams bloed, tenzij bij de ‘immobiele’ beroepsstakers uit onze ‘mobiele’ sector. Of, het zou moeten zijn dat we op 30 januari met ons allen gaan staken tegen onze Belgische beroepsstakers.

Men zegge het voort!