U bent hier

Manager Steven - december 2012

Wat ik dit jaar als professionele levenservaring heb opgestoken is de ontmaskering van het al of niet ziek kunnen zijn op of door het werk.

Ik maakte een aantal stuitende gevallen mee.

Om te beginnen is er het verhaal van mijn Engelse collega waar ik erg mee meeleefde. Hij had een belangrijke functie, maar verzeilde twee jaar geleden in een zware depressie. Tenminste, dat was het officiële bedrijfsverhaal dat de ronde deed. Wat bleek er echt gebeurd? Mijn collega had twee jaar geleden naast een promotie gegrepen. Hij was hierdoor zo kwaad geworden dat hij de bedrijfsleiding chanteerde. Hij besloot zich ziek te melden en een depressie tevoorschijn te toveren zodat het management hem zou ontslaan. Op die manier kon hij een gigantische ontslagvergoeding krijgen. Uiteindelijk is het hem gelukt. En het gruwelijke was dat hij de maand na zijn ontslag uit zijn ‘depressie’ ontbolsterd was en bij de concurrentie werkte!

Het omgekeerde verhaal was dat van een Japanse president van een kantoor in het Midden-Oosten. De zeer goedaardige man was goed als mens maar niet goed in zijn job. Hij was duidelijk over het paard getild en hij kon zijn functie om een leider te zijn in goede en kwade dagen niet aan. In zijn beginperiode probeerde hij het vaandel nog recht te houden door verstoppertje te spelen en door uitstelgedrag te vertonen van hier tot in Tokyo. Hij was soms hyperactief, terwijl hij andere dagen een uitgebluste samoerai was. Plots was hij verdwenen: terug naar Japan als een dief in de nacht. De bedrijfsleiding wenste geen commentaar te geven over zijn afwezigheid maar uit goede bron heb ik gehoord dat hij in zijn thuisland opgenomen is in een psychiatrische kliniek...

Zelf heb ik ook mijn lesje geleerd qua ziek worden door het werk. Tijdens mijn zakenreis in Israël kreeg ik plots heel erge rugpijn in het vliegtuig. Ik dacht dat ik gewoon een verkeerde beweging gemaakt had en dat een mens daar niet moet over zeuren. Van een week knagende pijn werden het twee weken. De pijn begon steeds erger uit te stralen naar mijn nek, arm en vingers.

Toen ik ’s nachts wakker werd van de pijn en overdag constante pijn had op kantoor kon ik niet anders dan een dokter raadplegen. Het bleek een ontstoken schouderspier te zijn waardoor er een zenuw gekneld was. De reden: de slechte kussens van de hotelbedden waarop ik sliep tijdens de vele zakenreizen. Blijkbaar kan je schouderspier ontsteken als je te vaak op dunne kussens slaapt of als je helemaal geen kussen gebruikt. Iets stoms dus, dat me toch uit mijn dagelijkse patroon haalde en mijn levensvreugde een stuk naar beneden haalde.

Net als geestelijke pijn heeft ook rugpijn een verdoken ziektepatroon. Het erge ervan is dat je pas beseft hoe erg het kan zijn als je het zelf hebt meegemaakt. Onwetende buitenstaanders hebben hier weinig begrip voor: ze merken dat iemand lang afwezig is, maar zien de gekwetste lichamen niet en voelen niet wat de zieke voelt. Daarom moeten we erover waken dat we vooroordelen over plantrekkers niet te rap als medische analyses gebruiken.

Anderzijds vind ik het ook uiterst ongepast end e puurste vorm van egoïsme dat bepaalde mensen juist díe ziektepatronen gebruiken als machtsinstrument om dingen af te dwingen op het werk. Dat is echt profitariaat.

Mijn voornemen voor het komende jaar: als ik nog eens met ziekte op het werk geconfronteerd word, ga ik psycholoog spelen in plaats van doktertje.