U bent hier

Manager Steven - januari 2014

Ik weet dat ik op gevoelige feministische krultenen kan trappen maar ik stelde me deze week de volgende vraag: kunnen vrouwen vandaag al evengoed om met verworven macht als mannen? Of zijn machtige vrouwen zoals de nieuwe Russische rijken die het moeilijk hebben om een gezonde relatie aan te gaan met hun vele geld? Nogmaals: ik stel me de vraag, het is geen stellingname!

Reden? Ik was deze week voor een paar dagen in Israël. Er moest onderhandeld worden met een klant over een belangrijke jaarovereenkomst. Het ging over veel geld. We zaten aan tafel met de topvrouw van het bedrijf: mevrouw Ariel. Ze werd enkele jaren geleden aangenomen als crisismanager. Iedere negotiatie met haar eindigt steevast in een guerrilla-oorlog, en dat was deze keer niet anders.

Het is mijn ervaring dat vrouwen aan de macht vaak een goed uitgestippeld en doordacht doel voor ogen hebben dat voor hen heel eerbaar lijkt. Als een moeder die voor haar kind door het vuur gaat, zo verdedigen ze hun strategie met hand en tand. Meestal blazen ze het gesprek eerst op een heel gemoedelijke wijze leven in. Het kind moet toch gebaard worden. Daardoor krijg je de hoop dat je op basis van consensus tot een vergelijk gaat komen. Bij mannelijke bazen is dat net omgekeerd: zij storten zich meestal blindelings, en op een brutere manier in het strijdtoneel.

Maar die vrouwelijke zachtaardige onderhandelingstechnieken verdwijnen al rap als sneeuw voor de zon wanneer ze het gevoel hebben dat ze hun gelijk niet kunnen halen. Ze schakelen dan over op de modus ‘overacting’. Je kan het vergelijken met de barensweeën die meer pijn doen dan ze gedacht hadden.

Dat was ook zo deze week toen Mevrouw Ariel haar onredelijke vooropgestelde volumekorting van 16% niet kon binnenhalen. Ze transformeerde van een zachtaardige moeder in een ‘emotionele drama queen’ en werd heel snel kattig; om niet te zeggen pisnijdig.

Het was niet alleen ik die werd afgeschilderd als onredelijk en onbevoegd, ook haar collega's werden in het Hebreeuws de mond gesnoerd. Ze snauwde zelfs haar meest gerespecteerde vrouwelijke onderzoeksmanager met 30 jaar ervaring af omdat die opperde dat er mogelijk andere aspecten in rekening moesten gebracht worden om tot een vergelijk te komen.

Dit is volgens mij typisch voor nogal wat vrouwen aan de macht: als de tegenpartij niet op hun boot wil mee varen, zijn ze minder bereid dan mannen om een creatieve oplossing te zoeken en een andere weg uit te varen die misschien tot dezelfde eindbestemming leidt. Ze zijn minder flexibel.

Mevrouw Ariel voelde zich geïsoleerd binnen de vergaderzaal, met 7 mensen rond de tafel. Plots deed ze alsof ze besefte dat ze te laat was voor een andere belangrijke meeting met een ‘belangrijk persoon’. En ja, in haar afscheidsrede stelde ze mij verantwoordelijk voor het feit dat ze die nobele onbekende zolang had laten wachten. Achteraf hoorde ik van haar collega’s dat ze helemaal geen meeting had.

Omdat ze in het nauw gedreven was, vluchtte ze weg uit de vergadering. Na 3 uur onderhandelen en zonder besluit. En daar was ik speciaal voor naar Israël gevlogen! Ik troostte me met de gedachte dat ze in barensnood was.

Ik denk dat we pas de toegevoegde waarde van vrouwen aan de top gaan kunnen waarderen als de vrouwen minimum 50% van die plaatsen bezetten. Zolang dat niet zo is, zitten we niet zelden met opgefokte manvrouwen opgezadeld die alle mooie aspecten van een gemengd genderbeleid ondermijnen. De ode aan ‘wees jezelf’ of het eeuwige dilemma van de kip of het ei!