U bent hier

Manager Steven - maart 2019

In ons bedrijf is het als een reflex van Pavlov: tijdens elke zakelijke ontmoeting met nieuwe mensen worden er businesskaartjes uitgedeeld. 

Heb je er geen bij, dan wordt dit al snel als verdacht beschouwd en moet je je op zijn minst uitgebreid verontschuldigen.

Een kaartje is belangrijk omdat het een soort identiteitsbewijs is. Je onthult je naam (heb ik met buitenlanders te doen, dan is de eerste reactie: 'Hoe spreek je die naam uit?') en vooral: je positie in het bedrijf.

Met je kaartje in de hand...

Businesskaartjes worden niet overal op dezelfde manier gebruikt worden. In Europa en de VS bijvoorbeeld zijn zakenmensen vrij nonchalant in het overhandigen ervan.

In landen zoals Turkije, Iran, Israël en Saudi-Arabië worden businesskaartjes dan weer niet enkel gebruikt om je voor te stellen, maar ook om respect te tonen.

Als ik daar mensen ontmoet, willen ze telkens opnieuw mijn kaartje, ook al hebben ze me al twintig keer gezien!

Ze leggen het netjes voor zich uit tijdens de meeting, maar volgens mij gebruiken ze het erna om er hun barbecue mee aan te steken. 

Ongeval op straat

In Japan is het nog een ander verhaal. Daar zijn bedrijfskaartjes zo essentieel dat ze ook in het dagdagelijkse leven gebruikt worden.

Ga je naar de bank, de politie, het ziekenhuis… dan willen de Japanners eerst je kaartje zien om te weten welke onderneming achter je staat. Het bedrijf waar je werkt is belangrijker dan jij als persoon.

Ik had ooit eens een ongeval op straat. Mijn snijwonden waren ernstig en er werd een ziekenwagen bijgehaald. Wel, ik mocht pas mee nadat ik met bebloede hand mijn businesskaartje had bovengehaald!''

Collector's items

Er hangt ook een hele cultus rond het uitwisselen van kaartjes in Japan. Krijg je er eentje? Houd het met beide handen vast, bestudeer het minstens 30 seconden en maak allerlei bewonderende geluiden.

Japanners beschouwen businesskaartjes ook echt als collector's items. Ze hebben een mooie map waarin ze al de gekregen exemplaren jarenlang bewaren.

De kaartjes worden trouwens opzettelijk uit flinterdun papier gemaakt omdat ze zo makkelijker bij te houden zijn. Efficiëntie boven alles.

Verdwaald in Tokyo

Ik bewaar de kaartjes die ik krijg in Japan ook, maar vooral uit praktische overweging. Ik toon ze aan de chauffeur als ik een taxi neem.

Aangezien de chauffeurs geen Westers geschrift begrijpen, is dit de enige manier om het wanhopige hoofdschudden te stoppen en geen tijd te verliezen aan een verkeerde deur aan de andere kant van Tokyo.

Over taxi's gesproken: m'n Japanse collega's geven soms hun businesskaartje af aan de chauffeur in plaats van te betalen. De taximaatschappij stuurt achteraf de factuur op naar het bedrijf.

Handig, alleen gebeurt het af en toe dat een slimme snoodaard het kaartje van pakweg 'Mr Kimura' vindt en het begint te gebruiken.

Ontmaagd waar je bij staat

Sommige mensen gebruiken de achterkant van het bedrijfskaartje dat je hen gegeven hebt om korte notities te maken tijdens de meeting.

Japanners beschouwen dit als heel onbeschoft, maar zelfs ik ben daar gevoelig voor. Raar maar waar: het heeft je het gevoel dat je ontmaagd wordt terwijl je er op staat te kijken. 

Tegenwoordig bestaat er nu ook een app die een foto neemt van je kaartje en alle gegevens opslaat. Tot mijn verbazing krijg ik het dan op het einde van de meeting terug. Ook dat is een vreemd gevoel. 

Op die manier lijkt het businesskaartje meer een introductieprentje dan een bewaarprentje om in je album te plakken.

'Ik zie al mijn kinderen even graag', zeggen de meeste ouders zonder te verpinken.
'Miliciens, iedereen is hier gelijk voor de wet!' Dit hoorde ik zeker 100 keer tijdens mijn legerdienst brullen!
'Iedere speler heeft voor mij steeds dezelfde kansen', zeiden de trainers tijdens mijn voetbalcarrière.
'Ik heb met alle leerlingen dezelfde goede bedoelingen' , fleemde elke leraar bij het begin van het schooljaar.

Je mag geen favorieten hebben in je directe leefwereld. Voor mij is dit een van de grootste leugens in ons leven.

Van kindsbeen af wordt het erin gedramd dat iedereen gelijk is. Dit is in de Westerse wereld een cultureel feit en onderdeel van het heilige politiek correct denken.

Geen voorkeur, geen positieve vooroordelen, geen spontane verwantschap: het leven is een erwtensoep -van pure democratie en onbevlekt communisme- die in de maagdelijke Mariagrot moet opgeslurpt worden.

Een dwanggedachte die je tot op je sterfbed moet blijven aanbidden en een die je zelf te pas en te onpas gebruikt om je eigen instinctmatige voorkeur niet te moeten erkennen.

We denken dat we onze dagdagelijkse beslissingen op een neutrale en uitgebalanceerde basis nemen. Ons rationeel gedeelte van ons brein weegt zogezegd zwaarder door dan het primitieve en instinctieve gedeelte in onze hersenpan.

Favoriete clan

In veel andere culturen is het totaal geen probleem om een uitgesproken voorkeur te hebben als het over mensen gaat. In Japanse bedrijven bijvoorbeeld is dit een onderdeel van de dagdagelijkse beleidsvoering.

Iedere Japanse baas heeft zijn favoriete clan waar hij blindelings op vertrouwt en waarvan hij eist dat ze als een blindenhond constant naast hem lopen en de juiste richting aangeven.

De medewerkers onderaan de pikorde weten perfect wie die elite medewerkers zijn.

Zij zijn het immers die alle publieke en persoonlijke aandacht krijgen, die de mooie projecten in handen krijgen en vooral: die als eerste hogerop klimmen op de promotie-ladder.

De baas trekt zijn favoriete gevolg in zijn zog mee naar de top.

De 'achter-komertjes' zwijgen. Luidop zeggen dat een collega van exclusieve privileges geniet en jij niet, wordt als een motie van wantrouwen gezien naar de baas toe en de totale groep.

Hoe de Japanse bazen hun Japans voorkeurskorps selecteren is me nog steeds niet helemaal duidelijk.

Ik denk dat het dikwijls gebaseerd is op een mix van gemeenschappelijke ervaringen zoals: aan dezelfde universiteit gestudeerd hebben, op hetzelfde moment een aantal jaar in het buitenland gewerkt hebben...

Luchtballonnen versus zeepbellen

Het probleem in ons bedrijf is dat Japanese bazen ook onder de 'niet'-Japanse medewerkers hun favorieten gaan ronselen.

Dit is vooral een veelgebruikte strategie van Japanse bazen die maar een paar jaar in ons departement in Brussel blijven en op korte termijn hun stempel willen drukken.

Ik zag dit onlangs nog bij mijn nieuwe collega Jasper. Hij luchtte zijn groeiende frustratie na een paar glazen champagne tijdens onze nieuwjaarsreceptie.

'Ik ben het beu dat mijn baas Yamamoto mij overal als zijn godenkind tentoonstelt', fluisterde hij me toe.

Yamamoto heeft Jasper aangenomen van zodra hij uit Japan naar België werd getransfereerd. Terwijl hij de dynamiek van zijn departement nog niet door had en niet eens over een juiste jobomschrijving beschikte.

Toch plaatste hij zijn nieuwe Jasper als de 'high potential' in de etalage.

Doordat Jasper een joviaal karakter heeft, werd dit door de gevestigde waarden in het team getolereerd en mocht het jonge veulen mee in hun grasweide rondsnuffelen.

Maar dat bleef niet duren. 

Luchtbalonnen en zeepbellen

De talenten van Jasper werden door Yamamoto telkens gebombardeerd tot hete luchtballonnen, terwijl hij de talenten van de oudere garde als zeepbellen beschouwde.

Een kleine verwezenlijking van Jasper bazuinde hij rond vanop de kerktoren. Hetzelfde deed hij met de kleine fouten die de andere groepsleden soms maakten. 

Dit zette kwaad bloed. Doordat Jasper zoveel macht kreeg, ging zijn betrouwbaarheid omlaag in de ogen van de anderen. De mindere goden begonnen over hem te roddelen omdat ze medestanders zochten. 

Uiteindelijk begonnen ze hem buiten te sluiten als de melaatse van de afdeling. Hij werd in quarantaine geplaatst. Het godenkind Jasper raakte meer en meer geïsoleerd in de gouden kooi van zijn baas. 

Nu, amper een jaar later, is de hechte homogene groep die het team ooit was in een wij-zij-fractie gefileerd.

Het gevoel van veiligheid en vertrouwen dat vroeger in het team heerste onderging een metamorfose. Nu heerst er alleen nog onzekerheid en vijandigheid. 

Wees eerlijk

Mijn conclusie: het idee van een uitzonderingspositie is voor niemand echt prettig, maar het maakt nu eenmaal deel uit van het leven.

Heb je als baas een favoriet en voel je dat dit een probleem is binnen de groep? Praat erover om het niet te laten escaleren. 

Transparantie levert altijd begrip op. Leg uit als baas waarom je iemand 'voortrekt'. Enkel zo kan je hopen dat de anderen de witte merel gaan tolereren als voortrekker van de volière.