U bent hier

VDAB-medewerkster Liesbeth - september 2013

rusthuis Mwajuma is -ondanks de brand in de luchthaven van Nairobi- terug naar huis. Gelukkig. Want na drie weken miste ze haar zoontje toch wel heel erg. Ik vind het echt bewonderenswaardig wat ze deed. Als moeder van 4 weet ik niet of ik het over mijn hart had gekregen om mijn kindjes achter te laten en naar een wildvreemde wereld te trekken om aan mijn competenties te werken. Voor deze reis stopte ze zelfs met borstvoeding geven, terwijl in Afrika van mama’s wordt verwacht dat ze hun kind tot 2 jaar met de borst voeden. Daardoor voelt ze zich nu moreel verplicht om voor haar zoontje een koe te kopen bij thuiskomst.

Week twee van haar verblijf was best spannend. Naast een flink leertempo om al de oefeningen af te krijgen, hebben we ook gewerkt aan de prototypes en patronen voor het nieuwe schooluniform voor de 400 kinderen van de lagere school, achter Annick’s Fashion School. Deze opdracht is mogelijk dankzij de opbrengst van de boekverkoop van Mijn Kenia. Ik schat het aantal verkochte boeken momenteel op ongeveer 300, wat neerkomt op een bedrag waarmee we 600 nieuwe schooluniformen kunnen maken. Prachtig toch?

Naast het lesgeven hebben we ook een aantal ontdekkingsmomenten ingelast. Iets wat ze heel graag nog eens wou doen, was fietsen. Dat was geleden sinds haar kindertijd. Zo gezegd, zo gedaan: met haar lange kledij aan sprong ze vlotjes op de fiets van mijn zoon, en samen reden we door de buurt.

Toen ze een trein zag passeren, vertelde ze dat ze nog nooit met een trein had gereden. Dus regelde ik een treinrit naar Brussel. Zo kon ik haar laten zien waar ik werk, op de centrale dienst van VDAB. De rit was hilarisch! Blij, en ook een beetje bang, zat ze bovenaan in een dubbeldektrein. Met grote ogen volgde ze het voorbijzoevende landschap, schrok zich te pletter als er een andere trein passeerde, ging schuin hangen in de bochten alsof we zouden kapseizen en wiegde mee als we over wissels reden. We stapten af in het Centraal Station in Brussel en wandelden via de Keizerslaan naar Manneken Pis en de Grote Markt. Vooral Manneken Pis -en de honderden variaties als souvenir- maakte indruk. We sloten af met lekkere frietjes en stoofvlees. Wat vond ze dat vlees lekker! Ik heb er maar niet bij verteld dat er een typisch Belgische donkere drank in verwerkt zit...

Later die week gaven we nog een presentatie over de projecten in Kenia in Rusthuis Sint Anna in Herentals. Daar verblijft mijn moeder. Alle bewoners en hun familieleden waren uitgenodigd, en het werd een geslaagde, prettige ervaring. Mwajuma omhelsde, streelde en sprak iedereen aan alsof ze er al vele malen was geweest. Hoe doet ze dat toch? Zo’n overweldigende warmte en aandacht schenken aan mensen die ze helemaal niet kent? Sociale vaardigheden noemen we dat. Voor ons vaak moeilijk, voor Afrikanen zo natuurlijk...