U bent hier

Werkzoekende Els - september 2015

Niet voldoende commerciële ervaring, niet het juiste diploma, geen reactie, vacature reeds ingevuld... Herkenbaar? Mijn sollicitatietrein is blijkbaar nog niet aan zijn eindstation. Maar paniek is nog niet aan de orde.

Ik had deze blog graag positief beëindigd, met een job op zak. Helaas heb ik nog steeds geen werk. Maar… dankzij dit blogavontuur heb ik wel een fijne maand september achter de rug. Time flies when you're having a good time. :-)

Was het makkelijk? Nee, dat niet. Elke week twee teksten afleveren is heel wat anders dan af en toe wat ‘kribbels’ op papier zetten. Ik heb zelfs aan den lijve ervaren wat een ‘writer’s block’ is! Maar leuk was het absoluut. Ik heb veel nagedacht over hoe ik verder wil in mijn leven. Ik ben er nog niet helemaal uit, maar er zijn wat pistes opengetrokken die ik verder ga onderzoeken.

Mijn plannen voor de komende tijd? Blijven solliciteren. Ik ga zo meteen weer een brief schrijven, want ik heb een leuke vacature gezien. Daarnaast ga ik ervoor zorgen dat ik mijn studiemateriaal bij elkaar krijg om mijn middelbaar diploma te behalen via de middenjury.

Alle positieve reacties op mijn schrijfsels hebben me gesterkt en heel veel deugd gedaan. Ook de lezers die de moeite hebben genomen om online op deze blog te reageren, hebben mij echt een hart onder de riem gestoken. Ik vind het jammer dat het hier stopt. Misschien blijf ik wel bloggen, op een facebookpagina met titel 'werkzoekende Els'. Ik zal wel zien.

Aan iedereen: heel erg dank om mijn blog te lezen. Het was een fijne ervaring.

Vrijdagochtend, negen uur. De kinderen zijn naar school en gaan van daar rechtstreeks naar hun papa. Als ik rondkijk in mijn huis, zakt de moed me in de schoenen. Het lijkt wel alsof de speelgoedhandgranaat van mijn zoontje werkelijk ontploft is.

Het was een heel drukke week. Niet alleen 's avonds, maar ook overdag. Heeft iedereen maar 24 uur in één dag, of zijn er toch mensen die een paar uur extra hebben? Die vraag heb ik mezelf al vaak gesteld. Nu ik niet werk, merk ik dat ik het eigenlijk even druk heb dan wanneer ik wel werk. Ik vraag me af hoe ik dat ook alweer deed: werk en gezin combineren.

Tegenwoordig hebben ze daar een mooie term voor: ‘work-life balance’. Er zijn al heel veel bedrijven waar ze erin slagen die term daadwerkelijk om te zetten in iets concreet. Denk maar aan glijdende werkuren, of thuiswerken. Maar er zijn ook nog heel veel plaatsen waar ze daar nog nooit van hebben gehoord. Evenwicht vinden in werken en leven, het blijft een uitdaging. Niet alleen voor alleenstaande ouders zoals ik, ook voor tweeoudergezinnen is dat niet evident.

In mijn zoektocht naar werk is een goede ‘work-life balance’ een belangrijke factor. Ik heb ooit heel bewust voor kinderen gekozen, en dat blijf ik doen. Ik wil meer dan graag terug aan het werk, maar ik wil ook nog tijd overhouden voor mijn kinderen. Is dat onrealistisch, of is het gewoon een kwestie van blijven zoeken?

Terwijl ik met deze vragen bezig ben, waan ik me even iemand van de ontmijningsdienst om de speelgoedravage in mijn huis op te ruimen. Maar ik ben heel dankbaar dat het maar een speelgoedhandgranaat was die ontplofte... En dat mijn kinderen veilig en wel op school zitten.

"Wat wil je worden?" vroeg de juf
't was in de derde klas
ik keek haar aan en wist het niet
'k dacht dat ik al iets was

Dit gedichtje van Toon Hermans kwam heel erg bij me op toen mijn dochter op een dag van school thuiskwam met de vraag: "Mama, is het erg als ik nu nog niet weet wat ik later wil worden?"

Haar onzekerheid vond ik aandoenlijk, maar deed me twijfelen aan ons prestatiegericht onderwijssysteem. Tuurlijk mogen kinderen geprikkeld worden met de vraag wat voor werk ze later willen doen. Ze moeten nu eenmaal een richting kiezen als ze naar het middelbaar gaan, en voor mijn dochter is het bijna zover. Maar als ze niet goed zijn in alle vakken, mogen ze niet over. Zijn ze druk en kunnen ze zich moeilijk concentreren, dan zijn ze ‘lastig’ en hebben ze waarschijnlijk een stoornis. In het buitenland slagen ze er beter in om op een andere, minder prestatiegerichte manier les te geven. Misschien moet ons land dit ook overwegen?

In elk geval stelde ik mijn dochter snel gerust: "Nee lief kind, het is niet erg als je nu nog niet weet wat je later wil worden. Zolang je maar jezelf wordt!"

Zelf heb ik nooit een duidelijk beeld gehad van wat ik wilde worden. Niet in mijn professionele leven. Op persoonlijk vlak ben ik dan weer heel veel geworden. Mama is daar een groot onderdeel van. Maar ook vrouw, vriendin, collega... Toch houdt de vraag "Wat wil ik doen?” me na al die jaren nog steeds bezig.

Ik wist het al toen ik nog in de lagere school zat: later zou ik gaan studeren. Naar de universiteit, op m’n eigen benen, nieuwe vrienden leren kennen... Dat was mijn grote droom. Mijn overtuiging werd nog groter toen ik in het vijfde leerjaar Frans leerde: talen wou ik studeren! Helaas loopt het leven niet altijd zoals je het zelf wilt: door omstandigheden heb ik, met heel veel spijt, nooit een middelbaar diploma gehaald. Weg grote droom, weg toekomstbeeld.

Ondanks het feit dat ik geen diploma had, werkte ik een prima cv bij elkaar. Misschien lag het aan de economische tijden, die anders waren dan nu? Eigenlijk is alles begonnen met een VDAB-opleiding tot viertalig bediende. Ik heb er veel geleerd en vond vrij snel werk.

Natuurlijk waren er ook plaatsen waar ik niet kon solliciteren zonder diploma. De overheid, bijvoorbeeld. Of grootbanken. En toch heb ik bij een bank gewerkt. Er zijn altijd wel wegen. Mijn motto? "Gaat het niet zoals het moet, dan moet het maar zoals het gaat." Ik verdiende wel minder dan mijn collega’s die hetzelfde werk deden maar wel een diploma hadden. Dat vond ik jammer.

Geen diploma, het speelde me tot dusver niet echt parten op de arbeidsmarkt. Maar toch bleef het knagen. Ik legde mijn oor te luisteren bij het tweedekansonderwijs. Dat bleek niet echt een optie. Dan maar blijven zoeken…

Aangemoedigd door mijn collega’s ging ik vorig jaar naar een infosessie van de examencommissie. En nu, gesteund door een heel dierbare vriend, sta ik op het punt om te beginnen studeren. Uiteindelijk toch geen talen, wel humane wetenschappen!

Het leven zit vol onverwachte wendingen, niet?

Tring, alarm, rinkel! Nee, dat was niet mijn wekker van vanochtend. Wel het grote besef dat het er alweer en nieuwe week van start is gegaan. Hoe kan het toch dat een weekend zo snel voorbij gaat? Is het omdat ik er zo intens van genoten heb dat ik nog in een ontkenning zit? Enfin, genoeg getreuzeld! Vorige keer beloofde ik dat ik jullie meer ging vertellen over mijn plannen als gezondheidsbegeleider. Wel…

Ik ben er nog altijd niet helemaal uit, al zijn er wel enkele dingen die mij bijzonder interesseren. Voetreflexologie bijvoorbeeld, een geweldige methode om mensen met zeer uiteenlopende kwalen te helpen. Algemene vermoeidheid, slecht slapen, rugklachten... Uiteraard moet je daarbij ook kijken naar de oorzaak van het symptoom. Dat maakt natuurlijke gezondheidszorg zo boeiend. Je gaat met mensen mee op zoek naar de oorsprong van iets. Dat brengt soms heel wat teweeg.

Iets anders wat ik al heel lang wil doen, is stervensbegeleiding. Al lijkt me dat wel voor later, als mijn kinderen groter zijn. Als ik me zou richten op stervensbegeleiding dan wil ik daar echt de tijd voor nemen.

Wat mijn passie betreft is het me wel duidelijk. Ik weet wat ik graag doe. De echte inzet van het spelletje pingpong in mijn hoofd is: kies ik voor een vaste job met zekerheid, of ga ik resoluut voor wat ík graag doe?

Misschien is de gulden middenweg de beste: een boeiende job, en voldoende tijd om me naast m’n werk met andere zaken bezig te houden. Een fijne job die ik kan afwisselen met mijn eigen projectjes dus.

Over werk gesproken… Vorige week had ik nog eens een sollicitatiegesprek. Ik ben benieuwd naar het resultaat!

Ik werkte in het verleden vaak via interim, dat konden jullie vorige keer al lezen. Telkens als ik na afloop van een opdracht weer naar het uitzendkantoor ging, kwam de vraag: “En, wat zou je deze keer graag doen?” Elke keer begon mijn antwoord met “Euh…” Ik probeerde de vraag te bekijken als een kans om me te heroriënteren, maar dat lukte nooit echt vlot. Dus besloot ik om eens te gaan praten met een loopbaanbegeleidster.

Ik ging ervan uit dat ze mij zou vertellen wat mijn ideale job was. En dat ze zo’n job meteen klaar had liggen voor mij… Wat gebeurde was dit: na een gesprek van uur was haar conclusie dat ze me niet hoefde te zeggen wat ik kon, dat wist ik zelf wel. Natuurlijk wist ik dat! Maar ik bleef onzeker… Koos ik voor een job waarin ik mijn drie sterke punten -cijfers, administratie en communicatie- kon combineren? Of ging ik voor iets dat aansloot bij mijn levensvisie - natuurlijke gezondheidszorg, de mens bekijken in zijn totaliteit, rekening houdend met alle factoren? Uiteindelijk besloot ik om een opleiding tot gezondheidsbegeleider te volgen.

Die opleiding heb ik intussen afgerond. Het was zeer boeiend, maar heus niet altijd even gemakkelijk. Verschillende disciplines waar ik me al lang in wilde verdiepen kwamen aan bod, zoals relaxatiebegeleiding, voetreflexologie, massage, voedingsleer, bachbloesems... We leerden ook anatomie, pathologie en stervensbegeleiding. En nu, nu ik zover ben, zijn er weer zoveel richtingen die ik uit kan, dat ik me afvraag wat ik nu eigenlijk met mijn diploma wil doen…

Toen ik met de opleiding startte, had ik het idee om met een praktijk als gezondheidsbegeleider te beginnen. Dat heb ik ook een tijdje gedaan, vrij impulsief en onvoorbereid, en in bijberoep. Het heeft me doen inzien dat het me niet helemaal lag, toch niet in die vorm. Dàt wil ik er dus niet mee doen.

Wat dan wel? Dat doe ik volgende keer uit de doeken.

De sollicitatietrein is weer uitgereden, en ik zit erop. Helemaal vooraan, haren in de wind en met een goed zicht op alles wat voorbijkomt. Beeldspraak natuurlijk, want de machinist zit vooraan. In ieder geval: ik geniet van de reis, het blijft spannend om niet te weten waar de trein gaat stoppen.

Niet iedereen houdt van solliciteren. Heel wat mensen vinden het zelfs een verschrikking. Ik niet. Voor mij is het bijna een hobby. Klinkt als een kortsluiting onder mijn schedeldak? Toch is het zo.

Mijn loopbaan tot dusver bestaat vooral uit interimopdrachten. Gevolg is dat ik al vaak heb gesolliciteerd, met plezier én succes. Uit ervaring weet ik waarop ik tijdens zo’n gesprek moet letten: niet met de armen gekruist zitten, interesse tonen én de lichaamstaal van de gesprekspartner volgen. Ik weet vrij goed waar ik mij tijdens sollicitatiegesprekken aan kan verwachten. Ik luister goed naar wat er mij wordt gevraagd. Het laatste wat ik wil is door de mand vallen, eerlijk antwoord geven is voor mij een must. Ik hoef me niet beter voor te doen dan ik ben: ik kan niet alles kennen en kunnen, toch?

Als het over solliciteren gaat ken ik dus de kneepjes van het vak. Meer nog: in de loop van de jaren heb ik mensen kunnen overtuigen om zelfzeker naar een sollicitatiegesprek te gaan, met succes.

Dat is ook de reden waarom ik zelf ben beginnen schrijven aan een cursus solliciteren. Ik heb nog wat opzoek- en schrijfwerk voor de boeg, maar de grote lijnen zijn al uitgezet. Ik vind het spannend, want het is iets waar ik al een hele tijd mee rondloop. Nu enkel nog kijken waar en hoe ik mijn cursus naar buiten kan brengen. No more excuses, remember?

Vorige keer zei ik het al, september is de start van iets nieuws. Het nieuwe schooljaar, mijn zoektocht naar werk en… een persoonlijke uitdaging. Mijn ‘no-more-excuses-challenge’: vanaf nu zoek ik geen uitvluchten meer, en dat minstens een half jaar lang. Tot aan mijn verjaardag.

Eigenlijk was ik niet van plan om die uitdaging aan de grote klok te hangen. Een korte ontmoeting deed me echter van gedacht veranderen.

Je kon er afgelopen dinsdag niet naast kijken: overal beleefden kinderen gezond en wel hun eerste schooldag. Brooddoos onder de arm, boekentas op de rug. Toch waren er ook kinderen die dat niet konden, zoals het meisje dat ik gisteren ontmoette.

Ik was op bezoek in het ziekenhuis en stond te wachten op de lift. Vlakbij was de ingang naar de afdeling pediatrie. Net als de liftdeuren openden en ik instapte, zwaaide ook die andere deur open. Een mama stapte naar buiten met een meisje, ze had dezelfde leeftijd als één van mijn kinderen. Het meisje had geen brooddoos of boekentas bij. Ze droeg een kleurrijke sjaal op haar kale hoofdje en had een mondmaskertje op. In slow motion gingen de liftdeuren dicht terwijl ze uit mijn zicht verdween. Slik…

De aanblik van dit meisje deed me beseffen dat het vaak al te makkelijk is om uitvluchten te zoeken om iets niet te doen. Niet omdat ik het niet wil doen, maar omdat het moeilijk is. Ik zeg niet dat klagen mijn hobby is, maar het is wel zo dat ik soms alleen maar het probleem zie, en niet de oplossing of zelfs de opportuniteit.

Spijt over professionele keuzes heb ik niet. Maar: de meeste keuzes maakte ik in functie van mijn moederschap. Meer dan eens besliste ik om te gaan voor wat ik al kende, in plaats van voor wat ik echt wilde. En daar wil ik met mijn geen-excuses-meer-uitdaging juist verandering in brengen.

De korte ontmoeting met het zieke meisje deed me even stilstaan. Zij kon niet kiezen. Ik wel. Neem ik de gemakkelijke weg, die met de minste obstakels? Of kies ik voor de moeilijke en dat wat ik echt graag doe?

 

Vorige week kreeg ik een mail, met daarin een vraag: “Beste Els, een tijdje geleden stelde je je kandidaat om voor ons te bloggen. Zie je het zitten om dat te doen tijdens de maand september?”

Toen ik dat las was ik dolenthousiast. Eindelijk een kans om eens een maand te bloggen en te zien hoe me dat bevalt. Ik loop al een tijdje rond met het idee om iets creatiefs te doen. Wat me tot nu toe tegenhield? Dat duistere stemmetje in mijn hoofd dat onzekerheid heet… Nu kan ik er eindelijk eens werk van maken, al voel ik me niet helemaal op mijn gemak. Wat als ik geen inspiratie vind? En wat als mijn teksten niet leuk zijn?

Gelukkig heb ik een dankbare maand gekregen om te bloggen. Zeg nu zelf: september, dat is dé maand waarin heel wat dingen weer van start gaan.

De vertrouwde schoolpoorten gaan weer open, bijvoorbeeld. Het doet raar om te beseffen dat mijn zoon alweer een klas hoger zit, en dat mijn dochter aan haar laatste jaar in de lagere school begint.

De voorbije vier weken waren we elke dag samen, mijn kinderen en ik. Een fantastische tijd! Vanaf nu zie ik ze weer maar één keer om de twee weken. Ook dat is september. Terug tijd voor structuur en regelmaat, denk ik dan maar.

Als alleenstaande co-ouderschapsmama roei ik al enkele jaren met de riemen die ik heb. Mijn definitie van structuur wijkt daardoor misschien lichtjes af van wat er in Van Dale staat, maar wat geeft het. Of verzin ik nu een excuus voor mijn chaotische leven?

September brengt voor mij nog een verandering. Ik begeef me opnieuw op pad als werkzoekende. Ik zit wel nog met vragen. Wat wil ik nog doen? Waar wil ik naartoe? Hopelijk vind ik snel een antwoord. Lezen jullie de komende weken mee?