U bent hier

Zorgkundige Stefanie

Vandaag schrijf ik mijn laatste blogpost. Wat is dat snel gegaan! Mijn gedachten opschrijven: ik deed dat graag. Op een bepaalde manier hielp het me om keuzes te maken. Dus, misschien blijf ik nog wat doorgaan voor mezelf, met dat schrijven.

Hopelijk gaf ik jullie een duidelijk beeld van de combinatie werken en studeren. In ieder geval: bedankt voor de vele reacties die ik kreeg.

De voorbije twee dagen verliepen jammer genoeg niet zo goed. Eén of ander virus heeft me geveld. Vannacht werd ik wakker met koorts. Dat was al van mijn tienerjaren geleden. De beestjes mogen ons huis nu stilaan echt eens verlaten…

Straks vertrek ik voor de laatste keer naar mijn huidige afdeling. Ik weet nog niet hoe ik die acht uren rond ga krijgen. Hoewel ik een goede reden heb om thuis te blijven, vind ik het not done om mijn kat te sturen. Nu afbellen betekent heel wat problemen op de afdeling. Dus maak ik er een dagje overleven van. Morgen rust ik dan wel verder uit.

Door ziek te zijn heb ik al twee dagen niet kunnen blokken. Soms moet je keuzes maken. Rusten en zorgen dat je snel weer geneest, of blijven doorgaan. Ik kies vaak voor dat laatste, wat me dan nadien zuur opbreekt omdat ik blijf sukkelen. Maar nu ging het echt niet. Studeren, veranderen van werk en ziek zijn, dat is geen goede combinatie. Toch geef ik niet op: vanaf morgen vlieg ik er terug in. Ik zie wel waar ik geraak. Misschien moet ik het examen uitstellen en wordt het tweede zit, maar dan heb ik alles toch al eens gestudeerd.

Ik heb nog altijd niets gehoord van de nieuwe afdeling, waar ik volgende week zou beginnen werken… Wat als het niet doorgaat? Ik begin me stilaan zorgen te maken Opnieuw werkloos worden is niet echt iets om naar uit te kijken. Ik kan ook niets plannen, omdat ik nog niet weet hoe mijn komende week eruit gaat zien. De voorbije dagen heb ik zeker tien keer moeten zegen dat ik niets kan bevestigen. Geen gemakkelijke situatie, want ik hou van structuur. Ik ga blij zijn als volgende week voorbij is.

Onlangs praatte ik met twee medestudenten. Intussen zijn het echte vrienden geworden. Allebei twijfelen ze over de opleiding. Een van hen overwoog zelfs even om ermee te stoppen. Gelukkig kwam ze daar snel op terug. Het zou jammer zijn om er nu, na alle inspanningen, de brui aan te geven. Ik begrijp het wel: soms heb je het gewoon gehad, wil je niet meer. Gelukkig hebben we elkaar om erover te praten. We weten hoe moeilijk we het soms hebben en sleuren elkaar er doorheen. Zonder hen verdergaan: ik mag er niet aan denken.

Ik kijk ook niet teveel naar de eindmeet, want die is nog ver weg. Toch gaat het allemaal snel. Het jaar vliegt voorbij. Na de opleiding ga ik waarschijnlijk zeggen dat het allemaal nog wel meeviel…

Misschien kan je het vergelijken met een lange bevalling. Daarvan zeggen ze toch ook dat je de minder leuke dingen snel vergeet en de mooie momenten blijft koesteren?

Maandag kreeg ik telefoon van mijn werkgever: de collega die ik vervang begint komende week opnieuw te werken. Slik… Vanaf volgende maandag start ik op een nieuwe afdeling. Ik had het idee dat dit kon gebeuren wat verdrongen, maar nu is het opeens werkelijkheid. Ik heb er een dubbel gevoel bij.

Ik ben blij dat ik opnieuw een kans krijg binnen het bedrijf. Voor hetzelfde geld stond ik op straat. Dat was veel erger geweest. Het is ook weer een nieuwe ervaring, weer een mogelijkheid om veel bij te leren. En het derde positieve punt is mijn uurrooster. Op mijn nieuwe afdeling wordt gewerkt volgens het contract. Voor mij betekent dat: telkens 19 uur per week. Die gespreide uren liggen mij beter. Ik ben nog altijd niet helemaal gerecupereerd van de vorige helse werkweek. Maar misschien komt dat omdat ik het tempo nog niet gewoon was, en ook omdat ik een beetje ziek was.

Aan de andere kant heb ik schrik. Weer een nieuwe omgeving, nieuwe collega’s, een nieuwe werkwijze… Ik heb het heel goed op mijn huidige afdeling, verbetering lijkt nauwelijks denkbaar. Al is dat iets wat ik pas later zal kunnen zeggen natuurlijk. Eerst maar even zien hoe het volgende week loopt.

Het moment van de wissel komt ook nogal ongelegen. Dinsdag heb ik een mondeling examen, en vrijdag een schriftelijk examen en les. Bovendien wordt mijn oma zondag 85, en is het feest. Dat stond allemaal mooi ingepland in mijn agenda, maar nu mag ik het allemaal opnieuw zien te regelen. Het geeft mij een slecht gevoel meteen al om gunsten te moeten vragen op mijn nieuwe afdeling. Maar ik heb weinig keuze: ik kan er echt niet onderuit.

Verder heb ik nog niet echt een idee van wat er gaat komen. Ik weet nog niet precies wanneer ik zal moeten werken, welke kledij ik aan moet, wanneer ik mijn contract moet tekenen… Dat maakt me zenuwachtig. Ik ga blij zijn als volgende week voorbij is. Dan kan ik weer wat zaken regelen en routine inbouwen. Ik hoop stiekem dat dit de laatste verandering is voor een lange periode.

Tussen alle perikelen door ben ik weer in het studeren gevlogen. Ik schiet goed op, maar de tijdsdruk blijft groot. Gelukkig begrijp ik de materie beter dan ik verwachtte, ook de stukken die voorheen nog Chinees leken…

Ik heb er mijn lesrooster nog eens bijgenomen: ik heb nog welgeteld twee dagen les, vijf dagen examen, en het schooljaar is alweer voorbij. Dan zit ik al in de helft van de opleiding. Nu maar hopen dat de examens goed gaan. Zonder veel herexamens de vakantie ingaan: dat zou deugd doen!

En de rest van deze week? Dat wordt blokken, blokken en blokken, met tussenin wat tijd voor de kindjes. Zoals straks, dan schilderen we eitjes voor de paasboom. Dit weekend is er ook nog tijd voor iets anders: dan is mijn man jarig!

Tot vrijdag!

Dit weekend kreeg ik weer toffe berichtjes van jullie. Allemaal warm, hartelijk en vol steun. Dat doet veel deugd, bedankt daarvoor! Uit de reacties blijkt dat veel lezers nu pas zien wat de combinatie werken, leren en gezin eigenlijk betekent.

Tijdens het weekend heb ik nog eens nagedacht over mijn situatie. Die is inderdaad niet gemakkelijk. Om eerlijk te zijn: het is loodzwaar. Ik moet veel zaken missen, zoals sporten, een avondje uitgaan, feestjes… Maar eigenlijk is dat geen gemis meer voor mij en mijn gezin. We zijn het al gewoon dat die dingen nu even niet meer kunnen. Soms heb ik de indruk dat anderen er meer moeite mee hebben dan wij. Sommigen tonen zelfs medelijden. Dat is absoluut niet nodig!

Ik heb, samen met mijn gezin, heel bewust gekozen voor de opleiding verpleegkunde. We weten dat het vier jaar -en als het tegenvalt zelfs vijf of meer- keihard knokken is. Maar we weten ook dat het daarna weer leuker wordt. Ik weet dat mijn man achter me staat. Hij zou net hetzelfde verhaal doen.

De combinatie werken, gezin en studeren heeft van mij een ander mens gemaakt. Niet alleen omdat ik veel nieuwe dingen bijleer, maar ook omdat ik nieuwe mensen leer kennen. Mijn persoonlijkheid is zelfs wat veranderd: ik geniet meer van kleine dingen. Vroeger lette ik daar minder op. En ik ben assertiever geworden, op een positieve manier. Op mijn werk voel ik me comfortabeler dan ooit. Tegelijk besef ik dat ik nog een lange weg heb af te leggen.

Ik dacht ook nog eens na over het komende examen. Ga ik nu meedoen of niet? Ik nam mijn werkrooster er nog eens bij en zag dat ik nog enkele keren van shift zal wisselen met collega’s. Daardoor wordt de week van het examen relatief rustig, en heb ik opnieuw bijna twee weken tijd om te studeren. Dus: vanaf morgen ga ik er weer volledig voor. Uitstel is afstel, doorbijten is de boodschap! Zo moet ik mezelf niet verwijten dat ik niet geprobeerd heb, of vloeken in juni omdat ik het examen nog moet doen…

Andere werkjes kunnen wachten. Deuren schilderen en een toilet afwerken: daar is later nog tijd genoeg voor. Ik ben al blij dat ons tuintje volledig klaar is voor de mooie dagen. Want wat is er leuker dan studeren in de buitenlucht, met mijn spelende kindjes in de buurt en lekker geurende bloemen voor mijn neus?

Gisteren verving ik een collega. Ik stond met ‘de vroege’. ’s Ochtends is het drukste moment van de dag, maar ook het leukste. De eerste twee uren zijn hels: iedereen wordt gewassen, en natuurlijk is niemand graag laatst aan de beurt. Het is vooral een kwestie van goed coördineren en structureren. Dat lukt me steeds beter. Ik voel me meer en meer comfortabel tijdens die drukke momenten.

Na het wassen is het tijd voor de ‘watertoer’: ik maak de bedden op, ruim de kamers op en geef iedereen vers water. Ik hou ervan om de bewoners dan te observeren en een praatje met hen te slaan. Ze zien me graag komen, en ze vertellen graag. Zo kom ik wat meer over hen te weten. Het is een moment waarop ik tijd voor hen kan vrijmaken zonder dat mijn zoemer afgaat en ik dringend ergens anders moet zijn. Eigenlijk is het vooral qualitytime voor de bewoners. Ik doe het echt graag.

Het was ook best een confronterende dag: een bewoonster die ik vorige week nog verzorgde was opeens fel verzwakt. Ze had anorexia en was net geopereerd aan het maag-darmkanaal. Door problemen moest ze terug naar het ziekenhuis. Ik had het er moeilijker mee dan verwacht. Ik voelde me zelfs wat droevig.

Het voorval doet me twijfelen. Mijn plan was altijd om me, eens verpleegkundige, te specialiseren in zware zorg, zoals oncologie of palliatieve zorgen. Maar nu begin ik me af te vragen of ik de zware emotionele druk wel aankan. Ga ik het van me kunnen afzetten? Ik ben er nog niet uit. Ik hoop dat de ervaringen van de komende maanden me helpen een juiste keuze te maken.

Vorige keer vertelde ik dat het onzeker is hoe lang ik nog op m’n huidige dienst kan blijven. Ik vroeg gisteren of hierover al nieuws was. Jammer genoeg niet. Stiekem hoop ik dat de persoon die ik vervang nog wat wacht om terug te komen werken…

Intussen zijn de resultaten van mijn examen bij het OCMW bekend. Ik ben geslaagd! Ik had het wel wat verwacht, maar ben er toch heel blij om. Volgende stap is een mondeling examen, op 31 maart. Dat wordt spannend. Ik hoop dat ik mijn zenuwen onder controle krijg!

En het studeren? Daar is nog niet veel van in huis gekomen… Vanochtend bezocht ik met mijn zoontje de markt. Straks ga ik poetsen, en dit weekend reserveer ik voor het gezin. Ik denk dat ik een opleidingsdipje heb. Op zich is dat niet erg. Iedereen heeft er wel eens last van, maar ik mag het natuurlijk niet erger laten worden. Omdat het studeren niet zo goed vlot, twijfel ik: zou het niet beter zijn om mijn komende examen uit te stellen tot juni? Die noot ga ik dit weekend proberen te kraken…

Gisteren en eergisteren genoot ik van mijn ‘weekend’. Maandag voelde mijn dochtertje zich niet tiptop, en ze had nog wat last van de ‘mamablues’. Ik hield haar een dagje thuis. We gingen samen bloemen kopen voor in de tuin, en daarna picknickten we gezellig in een speeltuintje. Wat aandacht en qualitytime: meer heeft een kind niet nodig om helemaal blij te zijn. Het deed me plezier haar zo te zien genieten, en de lentezon was zalig!

Thuis zijn er weer ‘vuile beestjes’ binnengekomen: de mannenkant van ons gezin is geveld. Een week zonder een zieke in huis, dat kan ik me niet meer herinneren. Ik verlang echt naar beter weer, en eindelijk eens een weekje zonder zieken… Ik heb gebeden voor een strenge winter, in de hoop dat alle beestjes dan zouden verdwijnen, maar jammer genoeg is dat niet gebeurd. We hebben hier zelfs al de eerste mug ontdekt. Maar: ik ben blij dat ik er kan zijn voor mijn zieke huisgenoten. Niets erger dan zieken in huis zonder dat ik voor hen kan zorgen. Want meestal staan zieke huisgenoten ook gelijk met een huishouden dat vierkant draait, en dat is voor niemand gezellig.

Ondertussen heb ik nog wat geprutst in huis: de tuin verder afgewerkt, boodschappen gedaan, kasten opgeruimd… En ook gestudeerd, natuurlijk. De tijd gaat snel voorbij. Het is alweer woensdag en ik ben nog zoveel van plan. Ik weet nu al dat de komende twee weken dat ik thuis ben voorbij zullen vliegen.

Morgen ga ik een dagje werken. Ik heb gewisseld met een collega die graag een vrije dag wou. Ik vind het fijn om de bewoners terug te zien en hun evolutie op te volgen. Misschien vervang ik volgende week een andere collega. Zo blijf ik toch wat mee met het reilen en zeilen op de dienst. Twee weken niet gaan werken, dat is lang. Er zullen bijvoorbeeld veel nieuwe bewoners zijn. Ik ben er nog niet helemaal uit, maar ik denk dat ik in de toekomst zou kiezen voor een spreiding van mijn uren. Anders gezegd: elke week gaan werken, maar minder uren per week. Het is goed dat ik via mijn stages en mijn werk op verschillende diensten terechtkom, en te maken krijg met verschillende werkregimes. Dat maakt het makkelijker om in de toekomst een goede keuze te maken.

Gisteren kreeg ik trouwens het werkrooster voor april, en ik ben goed geschrokken: blijkbaar ben ik al niet meer vast ingeroosterd voor de volgende maand. Het is dus goed mogelijk dat ik over twee weken van dienst verander. Een nieuwe omgeving, nieuwe collega’s: dat is ook een nieuwe uitdaging. Toch zou ik het spijtig vinden om mijn huidige werkplek te verlaten. Ik vind het werk en de mentaliteit daar zo fijn dat ik er eigenlijk het liefst zou willen blijven. Natuurlijk wist ik op voorhand dat dit kon gebeuren, maar toch. Ik hou van stabiliteit en zekerheid, iets wat blijkbaar nu nog niet aan de orde is.

Vandaag heb ik ook mijn officieel attest van zorgkundige ontvangen. Alweer iets dat in orde is en dat ik kan schrappen van mijn to-dolijst!

Mijn werkweek zit er weer op. Hoewel alles goed verliep, voel ik dat ik het wat onderschat heb! 50 uur heb ik gewerkt. Dat is ruimschoots 2,5 keer meer dan de 19-uren week die beschreven staat in mijn contract. Om dat te compenseren ben ik nu twee weken thuis. Ik voel heel goed dat ik dit niet gewoon ben.

De werkdruk ligt bij momenten zeer hoog. In het begin vond ik dat lastig. Ik ben nogal een chaoot die voor iedereen goed wil doen. Een moeilijk moment vind ik de ochtendverzorging. Dan moeten 14 mensen gewassen en aangekleed worden op twee uur tijd. Aanvankelijk liep ik erbij als een kip zonder kop!

Thuis stond ik eens stil bij wat er beter kon. Mijn conclusie? Ik moet een strategie in mijn hoofd hebben en me daar zoveel mogelijk aan houden, ook al word ik vaak onderbroken. Ik kan ook niet altijd binnen tien seconden voor iedereen klaarstaan. Dat hoort er ook bij. Ik heb alweer veel bijgeleerd in mijn reis om verpleegkundige te worden!

Een nadeel van zo'n drukke werkweek is dat mijn kinderen last hebben van de ‘mamablues’. Ze zijn het niet gewoon dat ik zoveel weg ben, en al helemaal niet dat ik ’s avonds en in het weekend ga werken. Dat maakt me wat droevig, maar ik probeer er niet teveel stil bij te staan. Familietijd haal ik ruimschoots in tijdens mijn vrije dagen en weken. Keuzes moet je nu eenmaal maken, en alles heeft zijn voor- en nadeel.

Een ander nadeel is dat ik weinig tijd heb om te studeren. Daardoor stijgt de examenstress genadeloos. De voorbije week heb ik enkel dinsdag tijd gehad om wat te leren. De komende twee weken moet dat ruimschoots goedgemaakt worden, anders haal ik het niet. De week van het examen ga ik terug werken, dan heb ik enkel tijd om wat te herhalen.

Naast studeren en werken mag ik het belangrijkste natuurlijk niet vergeten: de broodnodige mama-tijd met mijn kindjes en wat quality-time met mijn man. En verder? Ondertussen moet ook het huishouden verdergezet worden. Een deftige schoonmaakbeurt dringt zich op, en het wordt tijd voor een uitgebreid bezoek aan de winkel om mijn voorraden aan te vullen. Ik wil de tuin opruimen, en twee deuren wachten om geschilderd te worden…

Het leven van een werkende en studerende mama is druk… heel druk. Soms heb ik het gevoel in een TGV te zitten die zomaar doorraast zonder stil te staan. Ik hoop stilletjes dat ik niet teveel mis onderweg. Maar tegelijk besef ik dat deze zware periode nodig is voor een mooiere toekomst!

Zoals ik vorige keer al schreef heb ik dinsdag bijna heel de dag gestudeerd. De cursus die ik moet kennen bestaat uit twee boeken van in totaal zo’n 200 bladzijden. Bij het lezen en aanduiden van de belangrijke stukken, heb ik bijna drie fluostiften opgebruikt. Dat is niet mijn gewoonte. Het lijkt wel alsof de cursus op zich al een samenvatting is.

Het examen over dit vak zal niet van de poes zijn. Ik vrees ook dat mijn leerstrategie niet zal volstaan om te slagen. Meestal studeer ik als volgt: eerst lees ik de cursus, dan herlees ik en duid de belangrijkste stukken aan. Vervolgens maak ik een samenvatting, die ik een paar keer herlees. Als ik de leerstof dan nog niet ken, zit ik met een probleem. Want echt ‘blokken’ kan ik niet. Ik ben nooit een groot student geweest. In het middelbaar raadde iedereen mij af om verder te studeren. Ik ging het niet halen, het was niets voor mij. Toch heb ik doorgezet. De hogeschool was best zwaar, maar mijn resultaten gingen in stijgende lijn: in het eerste en tweede jaar had ik herexamens, maar in het laatste jaar geen enkel meer.

Nu merk ik het weer, dat ik geen blokbeest ben. Theorie in mijn hoofd krijgen is een ramp, en laat dat nu net nodig zijn voor het komende examen. Gelukkig heb ik nog wat tijd: na deze week ben ik twee weken thuis. Het kon niet beter uitkomen!

Gisteren ging ik terug werken. Ook al moet ik nog veel bijleren, ik heb steeds meer het gevoel dat ik mijn plaatsje invul binnen het team. Aan sommige dingen moet ik wel nog wat wennen. Tijdens mijn werk duiken er bijvoorbeeld voortdurend onverwachte dingen op. Bij mijn vorige job kon ik perfect vier uur doorwerken zonder gestoord te worden. Nu mag ik blij zijn als me dat gedurende tien minuten lukt. Het is een grote switch, een heel andere werkwijze. Maar ik ben elke minuut blij dat ik de keuze gemaakt heb!

Na m’n werkdag was het tijd voor ander serieus werk: het schriftelijk examen bij het OCMW waar ik al over vertelde. Ik had geen idee van wat me te wachten stond, en maakte mij niet teveel zorgen. Maar eens ter plaatse merkte ik dat mijn zenuwen een groot acceleratievermogen hebben: van 0% zenuwen voor de deuren van het examenlokaal, tot 200% toen ik binnen was. Bleek dat we met 38 personen waren ingeschreven… Slik! Er was zelfs een officiële jury. Toen kreeg ik het toch wat benauwd. Geen haar op mijn hoofd had eraan gedacht dat dit examen zo ernstig werd genomen. Enfin, ik snap wel waarom, ik had het alleen nog nooit eerder meegemaakt.

Het examen zelf viel goed mee. Zonder mezelf in de wolken te willen prijzen, denk ik dat ik minstens de helft van de punten ga halen. Dat is ook nodig om door te mogen naar de volgende ronde. Ten vroegste op 19 maart weet ik meer. Spannend!

Gisteren begon mijn nieuwe werkweek. Het parttime regime -een week thuis, een week voltijds werken- is nieuw voor mij. Ik moet er nog wat aan wennen, en mijn kindjes ook. Het heeft zeker zijn voordelen: de weken dat ik thuis ben kan ik volop studeren, en heb ik ook nog wat tijd voor ontspanning. Dat heb ik echt nodig, vooral na een stageperiode.

Tijdens de fulltime werkweken is het soms wel even doorbijten. Meestal werk ik zes dagen, en ben ik één dag thuis. Ik vind het leuk om de bewoners van het woon-zorgcentrum tijdens die week zo intensief te kunnen volgen, maar het is wel iets moeilijker om mijn gezinsleven te organiseren. Gelukkig heb ik geleerd dat er voor alles een oplossing bestaat. Schoonouders, bijvoorbeeld: ik zou echt niet zonder kunnen!

Gisteren had ik ‘de vroege’. Dan werk ik van 6u30 tot 15u00. ’s Ochtends mensen verzorgen vind ik leuk. Terwijl ik de bewoners was, kan ik met hen een praatje maken. Mijn verkoudheid maakte het mij wel wat moeilijk. Elke badkamer waar ik binnenkwam moest ik meteen mijn neus snuiten, en af en toe kwam er een hoestbui voorbij. Vervelend!

Tijdens mijn dienst mag ik geregeld een verpleegkundige volgen, en assisteren bij verpleegkundige technieken. Heel leerrijk. Nu mocht ik helpen bij een bloedname en een sondage. Vrijdag leerde ik er nog over op school, en nu was ’t meteen praktijk! Het viel me op dat het helemaal niet zo gemakkelijk ging als tijdens de oefeningen op de dummies in de klas…

’s Namiddags werd het wat rustiger, met opruimwerk en bedeling van de koffie. Tussendoor had ik al mijn eerste functioneringsgesprek. Grappig, want ik werk er nog maar net. Dat ik zo snel geëvalueerd werd, kwam omdat heel de afdeling aan de beurt was. Ik kon er dus nog wel bij. Het gesprek verliep heel positief. Ik heb verteld hoe graag ik er werk, en dat ik natuurlijk nog veel kan bijleren. Ik kreeg te horen dat ik zeker verder moest blijven doen zoals ik bezig was. Een vreugdekreetje kon er wel vanaf… nadien in de auto!

Vandaag heb ik m’n vrije dag. Vanmorgen fietste ik samen met mijn dochter naar school. Elke dag gaat het fietsen iets beter. Volgende week proberen we het eens zonder steunwieltjes! Dan bracht ik mijn zoontje naar de onthaalmoeder. Het was al negen uur toen ik terug thuis kwam: niet te geloven hoe snel de tijd voorbijvliegt.

Thuis zette ik me gezellig aan tafel met een goede kop koffie en wat achtergrondmuziek. Tijd om ‘Circulatie en ademhaling’ te studeren, een van de moeilijkste vakken. Dat studeren zal voor de rest van de dag zijn. Maar: ik ga ervoor. Ik begin mijn strijdlust terug te vinden na de tegenslagen van de laatste maanden. Dit moet lukken!

Ik vertelde het vorige week al: vrijdag zat ik terug een dagje op de schoolbanken. Een lesdag van negen uur s ’morgens tot zes uur s ’avonds: dat kan tellen!

Het is altijd fijn toekomen op school. Meestal staat onze klas al gezellig te keuvelen aan de ingang. Je hoort er de meest straffe verhalen over stages, afgewisseld met paniekreacties over het komende examen. Ook ik kon niet achterblijven: de meesten waren nieuwsgierig naar mijn eerste werkervaringen en hoe het me bevalt. Ik kon niet anders dan positief zijn! Het deed mijn medestudenten dromen over later, en ik droomde gezellig mee.

Spijtig genoeg namen we vrijdag ook afscheid van een graag geziene medestudent. Het maakte ons triest. Hij is niet de eerste die ermee stopt, en we weten dat er nog zullen volgen. De vraag is alleen wie. Daarbij hopen we vooral dat we het zelf niet zijn. In het eerste jaar startten we ongeveer met 60 studenten. Het tweede jaar bleven er nog een kleine 20 over. Veel is dat niet. Nochtans is ons jaar een succesvol jaar, zeggen onze begeleiders.

Vrijdagvoormiddag hadden we praktijk. Er werd veel gelachen, omdat we voor de eerste maal gebruik maakten van ‘de doorzichtige man’ en ‘de aantrekvrouw’. Dat zijn oefenpoppen, mét intieme delen. Als het wat te gênant werd… voelden we ons allemaal terug pubers. Maar: vanaf nu heeft een poortkatheder of de techniek om een eenmalige sondage uit te voeren geen geheimen meer voor ons. Grapje hoor… we hebben dat nu een keer gezien en in het beste geval een keer geoefend op de dummies. Wanneer ik deze technieken op een stage echt mag uitvoeren zal het met een klein hartje zijn. De stage is tijdens deze opleiding erg belangrijk, want daar kunnen we onze nieuw aangeleerde vaardigheden oefenen, oefenen en oefenen. Eens actief op de werkvloer als verpleegkundige, wordt je geacht de job te kunnen. Voel je de druk van dit schrijven afdruipen?

Tijdens de middag aten we samen. Dat is een vaste traditie geworden. Dan tetteren we voluit over de dingen des levens: hoe de kinderen het doen, hoe alles te combineren valt en hoe het gaat op stage of met het studeren. Kortom, wat stoom afblazen onder vrienden.

Na de middag werd het stevige kost: vier uur theorie! De eerste twee uren waren het ergst. De naam van het vak zegt genoeg: ‘Zorg voor patïenten met urologische, gastro-enterologische en endocrinologische problemen’. Voorlopig zijn die lessen nog Chinees voor mij. Maar ik geraak er wel, zeker als ik de cursus thuis nog eens op een rustig moment doorlees en interpreteer. Gelukkig was het na deze zware les tijd voor wat easy-going theorie, onder de vorm van ‘Filosofie en Interculturele zorg’.

En daarna? Dan zat de dag er weer op. Ik ging snel naar huis en was net op tijd om de kindjes nog een nachtkus te geven en wat te eten. Gevolgd door een avondje TV. Dat was wel gepermitteerd na zo een dag.

Dit weekend heb ik vooral genoten van het lekker weer. Naast de dagelijkse zorgen voor huis, gezin en dier werkte ik wat in de tuin en bakte ik wat lekkers. Ook een familiebezoek hoorde er op zondag bij, met als afsluiter een bezoek aan de kinderboerderij waar we een lekker ijsje aten.

Morgen terug werken. Ik heb er zin in!

Vorige zaterdag was het zover: mijn eerste werkdag als zorgkundige! Mijn nieuwe werkplek is een revalidatie-afdeling van een woon-zorgcentrum. De afdeling telt 28 bedden, en bouwt een brug tussen het ziekenhuis en de thuisomgeving: senioren die een ingreep ondergingen maar onvoldoende hersteld zijn om al naar huis te gaan, kunnen bij ons terecht. Er is ook plaats voor senioren die in een moeilijke sociale situatie zitten, bijvoorbeeld iemand die tijdelijk alleen is omdat de partner opgenomen werd in het ziekenhuis. Ze krijgen ondersteuning van verpleegkundigen, een sociale dienst, kinesisten en ergotherapeuten en worden voorbereid om terug naar huis te gaan. Een aanpak die zijn vruchten afwerpt.

Mijn eerste dag was een uitdaging: een nieuwe omgeving, nieuwe collega’s, de eerste maal effectief werken in de zorgsector... Ik zag het helemaal zitten! Toch ging ik me met knikkende knieën voor de eerste maal omkleden. Gelukkig verdween dat gevoel snel toen mijn ‘dubbelloopster’ -die mij wegwijs zou maken- de kleedkamer binnenkwam. Het ijs was meteen gebroken want het was iemand die ik kende. We hadden elkaar al vaak aan de schoolpoort van de kinderen gezien. Mijn zenuwen waren plots verdwenen, de dag verliep vlot en het werd gezellig.

Ook de rest van de week verliep goed. Heel goed zelfs. Ik heb de neiging om vaak te positief te zijn, maar dit is echt een job die ik heel graag doe. De werksfeer is aangenaam, ik krijg de tijd om met de patiënten om te gaan en niet enkel in ijltempo de zorg af te handelen, en ook de uren bevallen me. Bovendien blijft er voldoende tijd over om mijn opleiding verder te zetten. Ik weet niet wat ik verder nog zou kunnen verwachten!

Toch zit er iets me dwars: ik werk met een vervangingscontract. Niemand kan me zeggen hoe lang ik dit werk nog ga kunnen doen. Volgende maand kan ik terug werkloos zijn, maar evengoed ben ik binnen vijf jaar nog altijd bezig. Daarom ben ik toch al verder aan het denken: ik ga examens afleggen bij het OCMW om in een werfreserve te worden opgenomen. Dat vergroot mijn kansen op een vast contract, al hoop ik natuurlijk dat ik kan blijven waar ik nu werk.

Intussen raast de tijd als een sneltrein voorbij. De eerste werkweek ligt al achter de rug, en nu ben ik een week thuis. Ideaal om wat tijd voor de kindjes in te plannen, te studeren en het huishouden in orde te brengen. Enkel een vervelende verkoudheid gooit wat roet in het eten…

Vandaag zit ik trouwens op de schoolbanken. Naast de stevige theorie en wat praktijk, is er altijd tijd om heerlijk bij te keuvelen met mijn medestudenten. Een gouden, maar vooral, supergezellige traditie! Het is ongelooflijk hoeveel steun we aan elkaar hebben en elkaar er elke keer opnieuw letterlijk doorheen sleuren!