U bent hier

Wonen en werken in het buitenland: Canada

Weinig geduld, snel verveeld en een grote mond, kortom zin voor avontuur. Dat is naar eigen zeggen wat Robin (25) naar het buitenland bracht. Meer bepaald naar Canada, waar alles 'big' is, de taalstrijd hevig woedt, zero tolerance wet is, maar migranten welkom zijn.

"Na een jaartje aan de Brusselse balie, kreeg ik de kans om in het Global Management Program van ING Group te stappen. Een doorgedreven managementprogramma met veel jobrotatie en buitenlandse opdrachten. Ideaal voor iemand met weinig geduld die zich snel verveelt. Zo kwam ik terecht in Canada - Toronto. Daar werk ik sinds februari. Bedoeling: samen met het projectteam de nog jonge organisatie klaarstomen voor uitbreiding.

Aangeboren affiniteit

Wat in Canada onmiddellijk opvalt is de taalstrijd die woedt tussen de Franstaligen in Quebec en de Engelstaligen in de rest van het land. Hier werken als Vlaming is een immens voordeel vanwege je 'aangeboren' affiniteit met de taal- en cultuurgebonden gevoeligheden. Probeer een Amerikaan maar eens uit te leggen dat het onmogelijk is iets gedaan te krijgen in Quebec zonder de Franse taal onder de knie te hebben. De complexiteit en absurditeit van de Belgische politiek is dan toch nog voor iets goed...

Voor de rest is alles in Canada "big", van auto's tot kartonnen melk. Overal en altijd reclame, eerst voor 'fat reducers', dan voor Burger King,… Ook al is Toronto waarschijnlijk de meest 'Amerikaanse' stad van Canada -het financiële centrum- en drijft de eetcultuur op hamburgers en pizza, het blijft een smeltkroes van culturen. Canada is een land van migratie, en het mooie is dat immigranten gestimuleerd worden hun eigen culturele identiteit te bewaren. Meer nog, ze zelfs verder te ontwikkelen. Naast een Chinatown en Little Italy, heeft Toronto ook een Greektown, Koreatown, Little India…

Gelatenheid troef

Maar in dit 'land van mogelijkheden' heerst ook de wet van 'zero tolerance'. Nagenoeg alle bars en clubs sluiten om 2u 's morgens en hier in de Province of Ontario zijn alcoholische dranken -van een eenvoudige pint tot whiskey- enkel te krijgen in de zogeheten LCBO's: staatswinkels met andere woorden. De bevolking staat erbij en kijkt ernaar. Op de vraag of ze deze maatregelen niet vervelend vinden krijg je gegarandeerd als antwoord: "ach ja, het is de wet". Gelatenheid troef. Zelfs als een Tory-leider (conservatieve partij) daklozen wil interneren om ze van de straat te krijgen, ontlok je nauwelijks een verontwaardigde reactie!

Een ander opmerkelijk cultuurverschil is de 'tip-cultuur': alles staat hier ten dienste van service en gemak. Maar zaken die men hier 'service' noemt, komen voor ons Europeanen onbeschoft over. Zo zal elke zichzelf respecterende ober als je glas net leeg is -geef ze enkele seconden- komen vragen of je niet wil 'bijtanken'. De rekening hoef je niet te vragen, die wordt je spontaan gegeven wanneer je dessert verorberd is. En als je bestellling niet wordt geserveerd binnen de 10 minuten, dan eet je op rekening van het restaurant. Service? Voor een deel wel, maar de echte drijfveer is dat ze zo drie lunchshiften per uur kunnen serveren.

Het ondergedompeld worden in andere culturen is echt wel boeiend. Steeds nieuwe mensen leren kennen, omgaan met andere gewoonten en waarden, ik hou er wel van… Goethe heeft het mooi verwoord: "Talent is developed in quiet places, character in the full current of human life"."

 

Elke Duprez, april 2002.