U bent hier

Als het licht uitgaat

Nauwgezet, bevlogen en energiek. Zo omschreven vrienden en collega’s Lieve (43). Tot op een dag het licht uitging. Lieve: “Ik zei wel eens tegen m’n man: “Ik heb het gevoel dat er zo meteen een zekering gaat springen in mijn hoofd. Of zoals bij een gloeilamp: pets, en licht uit.”” En exact dat gebeurde. Diagnose: een burn-out. Ze doet haar relaas en geeft een aantal tips.

“De aanleiding? Goh, ik kan onmogelijk één iets met de vinger wijzen. Er waren op korte tijd wel een aantal ingrijpende veranderingen gebeurd. Zo was ik net mama geworden, had ik mijn eerste grootouder verloren en waren er wijzigingen op til op het werk waar ik niet zo blij mee was.

Dat gecombineerd met een groot engagement, loyaliteitsgevoel en kwaliteitsstreven, en je kan je wel voorstellen dat dat z’n sporen naliet. Het is achteraf makkelijk zeggen: “Ik had het moeten zien aankomen”. Maar als je erin zit, zie je het niet zo helder. Toch waren er signalen, dat wel. Verschillende zelfs.

Wazig zicht

Zo was er bijvoorbeeld de wekelijkse Zumba-les. Een les waarvan ik altijd enorm veel energie kreeg. Alleen was dat de laatste maanden niet zo. Ik was telkens doodop na een les. Kon niet meer volgen en voelde me zelfs de dag nadien nog vermoeid. Maar in plaats van te rusten, weet ik het aan een slechte conditie, en sportte ik nog wat meer. Ik had ook al maanden een verkoudheid. Maar het was winter, dus dat was niet abnormaal. Er waren zelfs momenten dat ik niet scherp meer zag. Maar dat lag aan het turen naar m’n computerscherm en de droge lucht, dacht ik.

Na verloop van tijd kreeg ik ook andere symptomen. Ik was soms duizelig. En een keer tijdens een opleiding begon ik te hyperventileren. Ook mijn brein begon mankementen te vertonen. Ik vergat veel dingen, maakte dubbele boekingen, kon soms uren nadenken voor ik een beslissing nam. Ik had ook het gevoel dat ik er niet meer toe deed. Dat iedereen het veel beter deed dan ik.

Het had natuurlijk ook met die steeds aanwezige vermoeidheid te maken. Vermoeidheid maakt je emotioneel. En als je emotioneel bent, denk je niet meer helder en rationeel. Dan lig je te piekeren over alles. En geraak je nog vermoeider… Er kwam geen einde aan. Tot mijn lichaam heel hard ‘STOP’ zei.

Fatale dag

Dat gebeurde op 9 juni 2012. Tijdens een presentatie. Ik had alles op papier gezet, wist wat te vertellen en… er kwam niets. Ik was zo moe dat ik het gewoonweg niet gezegd kreeg. M’n collega’s keken naar me, spoorden me aan om even naar buiten te gaan, maar ik deed niets. Ik kon alleen zeggen: “Ik weet het niet meer”. Mijn allereerste black-out.

De diagnose was niet meteen duidelijk. Eerst dachten mijn dokter en ik dat het had te maken met een virus waar ik al even mee rondliep. Maar op een of andere manier voelde ik aan dat er meer aan de hand was. Ik weet nog altijd niet waarom, maar na enkele dagen kocht ik een boek over burn-out.

Dat was een klap in het gelaat. Ik herkende de signalen. Ik herkende de situaties. Ik voelde me gewoon misselijk worden en dacht: “Nee, dat kan niet, ik toch niet, ik ben altijd vrolijk en blij en sterk en nooit ziek en nu eigenlijk ook wel… heel, heel moe.”

Tot op het merg

Het domste wat ik heb gedaan, is toch nog veel te lang blijven doorwerken. Elke dag mail checken, taken afwerken, denken dat je onmisbaar bent. Tot ik echt mottig werd van vermoeidheid en de letters voor mijn ogen dansten.

We waren al november 2012 toen ik besefte dat dit niet de juiste manier was. Dit keer ging de laptop onherroepelijk dicht. En ik ging in begeleiding bij een specialist in CVS en burn-out. Die zei dat ik niet tot op het bot was gegaan, maar tot op het merg. En pas vanaf die dag ben ik echt aan mijn herstel begonnen.

Vermoeidheid valt niet te meten, en is in die zin anders en moeilijker dan een gebroken been. Ik kon mijn vingers niet in een stopcontact steken om te zien hoeveel ik al opgeladen was. Er is ook geen medicatie of pilletje voor. En niemand, ook de dokter niet, kon zeggen hoelang het nog ging duren. Het opladen ging heel traag. Met stapjes die ik in het begin zelfs niet zag. En die ik pas opmerkte toen ik terugblikte. Pas toen ik aanvaardde dat er geen mirakeloplossing was, dat ik enkel kon ondergaan, ging het beter. Al heeft dat eerst heel wat tranen gekost.

Honderdpoot

Ik ben halftijds terug aan de slag gegaan op 2 mei 2013. Sinds januari 2015 werk ik terug voltijds. In dezelfde functie. Wat niet altijd evident is, maar er was geen nijd, rancune of conflict. Er was tot de laatste dag engagement. Ik heb geluk gehad dat ik de kans kreeg om langzaam op te bouwen. Mijn takenpakket is nu anders ingevuld en de focus ligt meer op het teamleiderschap. Ik ben nog wel een multifunctionele honderdpoot, maar geen duizendpoot meer.

Soms mis ik mijn leven van voor de fatale dag. Al weet ik dat ik er afscheid van moet nemen. En niet meer mag vergelijken. Ik was een spring-in-‘t-veld met tomeloze energie. Dat komt niet meer terug. Als ik nu wakker word, ben ik net een trage locomotief.

Ik vergelijk het soms met blokjes energie. Vroeger had ik er 120, terwijl een normaal iemand er 100 heeft. Nu heb ik er -na jaren herstel- opnieuw 70, soms 80. En daar moet ik het mee doen. Dus ik moet zuinig zijn met de blokjes. En ze bedachtzaam inzetten.

En nu

De dokter benadrukt om blijvend alert te zijn. Want de kans bestaat dat, als ik nog eens zo diep ga, dit evolueert naar het chronisch vermoeidheidssyndroom. En het kan me zeker nog overkomen, daar twijfel ik niet aan. De zware work load, mijn karakter, de mentaliteit van vandaag…

Maar ik hou het in de gaten. Onlangs heb ik een aantal zware maanden beleefd. En dan heb ik me heel bewust enkele dagen volledig teruggetrokken. Geen sociale media, geen tv… Alleen dingen gedaan die ik leuk vond. Heerlijk was dat. Een mens moet dat eigenlijk meer doen.” <lacht>

Tips op een burn-out te voorkomen

Onder het motto “voorkomen is beter dan genezen”, geeft Lieve nog een aantal tips voor op het werk en thuis.

Op het werk

  • Laat tussen vergaderingen minstens een kwartier.
  • Probeer 1 dag of namiddag per week vergaderloos te zijn.
  • Reserveer tijd voor projecten of andere opdrachten. Schakel op dat moment je e-mail uit. Die haalt je toch alleen maar uit je concentratie. En telkens wanneer je uit je concentratie gehaald wordt, heb je meer tijd nodig om je te focussen op je oorspronkelijke opdracht.
  • Bepaal je prioriteiten. Wij gebruiken in ons team vaak de zin: “Moet ik dit nu doen”? Elk woord in deze zin is belangrijk. Moet (is het echt nodig?), ik (kan iemand anders het ook?), dit (is dit wel de juiste oplossing?), nu (kan het wachten?), doen (lost het probleem zich misschien vanzelf op?).
  • Neem voldoende pauze en gebruik je andere hersenhelft: luister naar muziek, maak een wandeling, kijk wat naar buiten... Je reis boeken tijdens je pauze is geen break voor je hersenen, integendeel.
  • Stop met multitasken. Het is echt een mythe dat je én een vergadering kan volgen, én naar het thuisfront kan sms-en én je e-mail kan checken. Bovendien is dat ook niet bepaald respectvol tegenover je collega die net iets aan het uitleggen is.
  • Vraag hulp. Dit is geen teken van onkunde, integendeel, het is een teken van vertrouwen.
  • Werk je een dag thuis? Vul de tijd die je wint -door je niet te moeten verplaatsen- met iets leuks: een langere pauze, een spelletje met de kinderen, gewoon wat lummelen, iets lekkers koken…
  • Durf nee zeggen. Je baas en collega’s nemen je dat heus niet kwalijk. Integendeel, ze waarderen de duidelijkheid en je toont karakter.

Thuis

  • Prop de weekends niet vol en reserveer minstens elke maand een ‘vrij’ weekend.
  • Sport. Gebruik tijdsgebrek niet als excuus. Touwtjespringen kan overal en altijd.
  • Las elke dag minstens één verwenmoment in voor jezelf. Je hoeft dit niet noodzakelijk groot te zien: een lekkere koffie van Starbucks, telt ook.
  • Sluit je “huishouddag” af op een vast moment. Ik stop ermee rond negen uur, of er nu nog een mand strijk staat of niet.
  • Koop tijd: doe je boodschappen online, neem een poetsvrouw...
  • Reserveer ‘me-time’. Ik ga om de 8 weken naar de kapper en neem hiervoor een ganse dag vakantie. Want op die dag wil ik verwend worden, een koffie gaan drinken en zeker niet op de klok kijken.

 

Meer weten? Lees 'Burn out' van Luc Swinnen of 'Ontketen je brein' van Theo Compernolle.

 

Elke Duprez

 

Gepubliceerd in