U bent hier

Wonen en werken in de Dominicaanse Republiek

Verhuizen naar een warm land wilde Anneleen al als tiener. Oorspronkelijk dacht ze in de richting van Spanje of Portugal. Uiteindelijk werd het de Dominicaanse Republiek. Anneleen: “Wat opvalt is hoeveel vreugde er is tussen de mensen. Zingend over straat lopen is hier heel gewoon.”

Anneleen (32): “Een vijftal jaar geleden was ik op vakantie in de Dominicaanse Republiek. Dit beviel me zo dat ik vier maanden later besloot om terug te keren en er werk te zoeken. En dat lukte. Ik werk sindsdien in het kantoor van een duikcentrum.

Zicht op zee

Ik ben verantwoordelijk voor de organisatie en verkoop van excursies, vertaling van documenten, communicatie met klanten en klachtenbehandeling.

Ons kantoor ligt aan het strand en een deel ervan is in openlucht. Ik moet jullie niet vertellen hoe geweldig het is om elke dag buiten te kunnen werken met zicht op zee. <lacht>

Over het algemeen is de werksfeer losser dan in België, maar er is wel een sterke hiërarchie. De werkuren zijn vergelijkbaar. Je hebt alleen anderhalve dag weekend in plaats van twee. En overuren worden op geen enkele manier gecompenseerd.

Bijbedoelingen

Ik woon in Baváro, een gebied in Punta Cana, het meest toeristische gedeelte van het eiland. 

Baváro heeft wondermooie stranden en resorts met enorm veel luxe, maar is qua natuur het minst interessante stukje van het eiland. Ik zou elke toerist aanraden om rond te trekken. 

De inwoners zijn opvallend vrolijk en behulpzaam. Iedereen is bereid om een praatje te slaan en wanneer je in panne staat word je onmiddellijk geholpen.

Corruptie

Je hebt hier veel corruptie. De meeste inwoners zijn laaggeschoold en hebben een slecht betaalde job. Als ze denken een beetje extra geld te kunnen verdienen, gaan ze ervoor. Je kan zonder enig probleem een politieagent omkopen om een sanctie of boete te voorkomen.

Organisatie is quasi onbestaand: verkeersregels worden niet nageleefd, afspraken niet gerespecteerd, openbaar vervoer laat het afweten... 

En administratieve zaken regelen, is des hels. Het is niet ongewoon dat je naar 7 verschillende instanties wordt gestuurd om één document in orde te krijgen. 

Genieten

In mijn vrije tijd sport ik graag. Daarnaast doe ik regelmatig excursies of spendeer ik een paar dagen in een resort.  

Wat nog? Lekker eten! Je vindt op elke hoek van de straat wel een ‘comedor’. Dat is een stalletje dat lokaal eten verkoopt. Wat de pot schaft, varieert van dag tot dag. Lekker en goedkoop.

Veel verschil tussen ontbijt, lunch en avondeten is er trouwens niet. Alles wordt op eender welk moment gegeten. Enkel fritura, dat is vlees op de barbecue, is voor ‘s avonds.

Rum

Het belangrijkste bestanddeel van alle maaltijden is rijst, klaargemaakt op verschillende manieren: met bonen, maïs, wortelen, erwten, kip, varkensvlees… Daarnaast eten ze veel ‘yuca’ (cassave of maniok) en ‘platanos’ (grote, groene bakbananen). 

De typische ‘sancocho’ is voor als het wat kouder wordt. Dat is een soort soep met noedels, groenten, aardappelen en vlees. Of ‘Mofongo’: een puree van platanos in de vorm van een videekoekje, opgevuld met kip, varkensvlees of scampi’s. 

Verder drinken de locals veel natuurlijke vruchtensappen, denk aan: passievrucht, mango, citroen, papaya… Alcoholische drank nummer 1 is rum. Wanneer je uitgaat is het gebruikelijk om een fles te kopen, die je dan in gezelschap leegdrinkt. Daar betaal je zo’n 10 tot 20 euro voor.

Later

Ik voel me hier echt wel thuis. Al helpt het wel dat er veel Europeanen wonen. 

Voorlopig blijf ik hier. De enige reden waarom ik me zie verhuizen zijn kinderen. Hun opleiding vind ik erg belangrijk, en daar staan wij in België toch sterker in. Maar zo ver zijn we nog niet.” 

 

Elke Duprez

Gepubliceerd in