U bent hier

Guido's gedacht: digitale nomade

“Toen ik jong was, vond ik het altijd ontzettend leuk om op zakenreis te gaan. Het was een soort statussymbool voor jonge medewerkers. We werden belangrijk genoeg geacht om 2 nachten of meer, in een of andere internationale keten, dichtbij de luchthaven, de belangen van ons bedrijf te verdedigen. Bij een klant die iedereen op dezelfde lijn wou krijgen zonder zelf het halve continent af te moeten dweilen.

Het eten was lekker, de bedden zacht, er waren wat hoge piefen, dure pakken en horloges. Er was meestal wel een ‘welcome pack’, soms zelfs een te klein T-shirt met wat ‘brand logo’s’ of aspirationele programmatitels zoals ‘Together towards the future’.

En er waren vooral duizenden, duizenden afgedrukte versies van evenzoveel nietszeggende presentaties van mensen die aan hun carrières bouwden. Netjes ingebonden, dat wel, in dure mappen.

Er was toen nog geld voor dat soort zaken. Bij het naar huis gaan, namen we de zeepjes, douchemutsjes en naaisetjes mee. Dat was ongeveer het enige wat overbleef van onze status. Het werk bleef een paar dagen wachten, maar we konden ons ook een beetje verbergen achter de ‘internationale meeting’.

Jaren later leefde ik echt uit mijn koffers. Ik nam in die tijd makkelijker een vliegtuig dan een bus. Ja, wij dachten in die tijd nog niet echt aan het klimaat en de ecologische voetdruk.

De hotels en zeepjes bleven een constante, maar de manier van werken veranderde. In een morsige luchthavenbar of aan een hoteltafeltje, moest ik me buigen over budgetsheets in Excel, Powerpoints voorbereiden en haastig allerlei mailtjes afwerken. Ik kon niet wachten tot ik weer op kantoor was, want ik had geen kantoor meer.

De treurnis van avonden op slecht verlichte hotelkamers, al ploeterend de zoveelste presentatie maken, en vloekend op veel te duur en traag internet. Het hoorde er allemaal bij.

Tot mijn ontzetting ging ik soms zelfs niet uit eten, maar bleef ik in het hotel, en liet ik de zoveelste club sandwich met een biertje op mijn kamer afleveren. De glamour was ver te zoeken.

Het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Na een aantal jaren van relatieve windstilte, waarbij ik enkel lokaal werkte, moet ik vaststellen dat ik weer meer en meer de hort op ben. Presentaties zijn nu ‘workshops en keynotes’. Waar mogelijk worden treinen genomen, maar soms blijft er nog het vliegtuig. Het internet is er enorm op vooruitgegaan. De druk helaas ook.

Ik reed vanochtend met de trein naar Nederland om een keynote te geven (dat is een spreekbeurt, maar chiquer!). En was net op tijd terug om te boarden naar een week vol workshops in een zonnige bestemming.

Marketingtoerisme is nu een heuse trend. Iedereen neemt klanten -en wie daar het geld voor over heeft- mee naar exotische locaties om daar op zoek te gaan naar 'purpose', herbronning, of nog iets anders.

Mensen als ik komen dan opdraven om te inspireren, een andere gezichtspunt voor te stellen, of gewoon iets aan te leren. Ik vind het waanzinnig boeiend, en aangenaam. De kruisbestuiving met die mensen, daar leer ik ook iets van.

Ondertussen zit ik nu wel stukjes als dit te schrijven op een ongemakkelijk vliegtuig-tabletje, omdat het er straks allicht niet van zal komen, en omdat dat mijn programma helemaal volgepleisterd is met ‘interventies, workshops, coachingsessies en nog van dat’. 

Maar je hoort me niet klagen! Niet echt. Alleen doet mijn rug pijn door in een verkeerde houding te zitten..."

Gepubliceerd in