U bent hier

Dit is een artikel uit het MagEzine-archief.

De job van webredacteur Barbara

De job van webredacteur Barbara

Ingenieurs zijn cijfervretende nerds, ambtenaren zijn liever lui dan moe en leerkrachten hebben altijd vakantie. Heel wat beroepen hebben af te rekenen met misverstanden en clichés. Om daar een einde aan te stellen, laten we elke maand iemand aan het woord over zijn job. Om het ijs te breken, bijten we zelf de spits af.

Leeftijd: 36
Diploma: bedrijfspsychologe, specialisatie arbeids- en organisatiepsychologie
Ervaring als webredacteur: 11 jaar

Hoe ben je in dit beroep terechtgekomen?

“Hoewel mijn studies boeiend waren, had ik snel door dat de praktijk niks voor mij was. Ik voelde me niet thuis in de wereld van werving en selectie die zichzelf te ernstig neemt en gebakken lucht verkoopt. Bovendien komt er heel wat administratie bij kijken, en daar ben ik echt niet goed in.

Na enkele sollicitatiegesprekken bij hr-afdelingen, was ik de wanhoop nabij. Ik had het gevoel dat ik constant zat te liegen: waarom ben jij de beste kandidaat, wat trekt jou aan in deze job… Ik wist het zelf ook niet en verzon maar wat. Tot ik de vacature voor webredacteur zag bij VDAB: alle taken die erin vermeld werden leken me tof en haalbaar. Ik kon mijn ogen niet geloven. Ik had altijd al graag geschreven. Schrijven over human resources en de arbeidsmarkt was gewoon perfect.”

Wat houdt je werk concreet in?

“Ik ben -samen met twee collega’s- verantwoordelijk voor alle ‘content’ -inhoud- op vdab.be. Die is erg divers. Ik pas de homepagina aan, bedenk een ‘vraag van de week’, schrijf artikels voor de elektronische nieuwsbrief, belicht nieuwe VDAB-diensten op de website, werk inforubrieken uit zoals ‘werken in het buitenland’… En ook belangrijk: ik hou alle info up-to-date.”

Wat is het fijnste aspect van je job?

“Er zijn twee dingen. Ten eerste: het schrijven op zich. Voor mij voelt schrijven niet aan als werken, maar eerder als ‘spelen’. Het is iets is dat ik echt graag doe en dat heel natuurlijk aanvoelt. Als ik schrijf, ga ik er helemaal in op en vliegt de tijd. Er gaat nog altijd een geluksgevoel door mij heen als ik erbij stilsta dat ik mijn dagen op die manier mag vullen, terwijl ik er nog voor betaald word ook.

Ten tweede heb ik het geluk dat ik méér mag doen dan puur schrijven. Als de site bijvoorbeeld een nieuw design krijgt, denk ik ook mee over de nieuwe structuur, de kleuren, de foto’s, enz.”

Wat zijn de mindere kanten?

“Het werk is niet mooi gespreid: soms is het erg druk, en andere keren is er te weinig werk. Vooral dat laatste is lastig. Een ander minpunt is dat je af en toe ‘gevechten’ moet leveren binnen de organisatie. Wij beogen de gebruiksvriendelijkheid voor onze sitebezoekers, maar binnen de organisatie spelen er soms andere belangen. Dat is frustrerend.”

Wat maakt iemand tot een goede webredacteur?

“Het allerbelangrijkste is dat je ingewikkelde zaken zodanig kan verwoorden en vereenvoudigen dat ze helder zijn voor je publiek. Je moet in het hoofd van je klanten kruipen en al het vakjargon en de overbodige ballast weglaten. Dat is niet zo gemakkelijk als het lijkt: je moet afstand kunnen nemen.

Verder is het ook goed als je hier daadwerkelijk plezier in schept: als het je voldoening geeft om moeilijke zaken uitgelegd te krijgen aan je lezers. Met zo’n houding blijf je je job graag doen, ook op momenten dat je schrijft over zaken die je zelf niet interesseren. Je put je voldoening niet uit het onderwerp zelf, maar uit het overbrengen van het onderwerp naar je publiek.”

Heb je tips voor wie aan de slag wil als webredacteur?

“Solliciteer spontaan bij de redactie van een tijdschrift, krant of website en vraag of je als vrijwilliger of freelancer voor hen mag schrijven. Dit is leerrijk en bovendien is het een extra troef als je gaat solliciteren.

Solliciteer je spontaan, dan is het belangrijk dat je zelf al interessante onderwerpen in gedachten hebt voor artikels. Onderwerpen die voor hen interessant zijn en die je zelf kan uitwerken. De meeste redacties hebben het moeilijk om telkens nieuwe onderwerpen te bedenken. Als jij hen onderwerpen kan aanreiken, bied je toegevoegde waarde.”

 

Ingrid Van Wanzeele

Gepubliceerd in december 2012