U bent hier

Wonen en werken in Zuid-Afrika

Na zijn legerdienst vertrok Jan (48) naar Zuid-Afrika om er een jaar rond te trekken met tent en rugzak. Toen zijn geld op was, stond hij voor de keuze: terugkeren of blijven en werk zoeken. Hij koos voor het tweede. Jan: “Pas 15 jaar later kwam ik terug naar België mét de Zuid-Afrikaanse nationaliteit. En daar ben ik trots op. Nog steeds.”

Jan: “Nadat ik mijn legerdienst had gedaan, vond ik niet meteen een job. Bovendien droomde ik er al een tijd van om te gaan toeren in Zuid-Afrika. Dus vertrok ik, ‘gewapend’ met tent en rugzak. Het was mijn bedoeling om één jaar weg te blijven.

Een mooie tijd

Toen na een jaar reizen het geld op was, stond ik voor de keuze: terugkeren naar België of daar blijven en werk zoeken. Ik besloot te blijven, gezien een job vinden er vrij gemakkelijk ging.

Eerst werkte ik als meubelmaker in een fabriek in Bloemfontein. Daarna werd ik administratief verantwoordelijke in een supermarkt in Ficksburg en vervolgens productieverantwoordelijke voor de goud- en platinadivisie van een mijnonderneming in de dorpen Welkom, Odendaalsrus en Rustenburg. Een loopbaan waaraan ik gedurende 15 jaar hard heb gewerkt. Het was een mooie tijd waarin ik ook mijn echtgenote leerde kennen en een eerste zoon kreeg.

Niet veilig

Ik heb altijd graag gewerkt in Zuid-Afrika, ook al bestonden er heel wat verschillen tussen de blanken, de Indiërs en de elf verschillende zwarte stammen die er wonen. Het enige wat me soms stoorde, was de grote godsdienstigheid van de meerderheid van de bevolking. Alles wat ze bereikten in het leven hadden ze zogezegd te danken aan de Heer. En als ze iets nodig hadden, dan werd ervoor gebeden. Ik liet hen begaan, maar kon me daaraan wel ergeren.

Voor de rest was ik -vooral in het begin- echt overdonderd door de openheid en vriendelijkheid van de mensen. Zoveel menselijke warmte was ik in België niet gewoon. Helaas bleef dat niet duren. Het geweld tegen de blanken nam stelselmatig toe en in 1995 besloten mijn echtgenote en ik te verhuizen naar België. Onze eerste zoon was toen twee jaar oud en mijn vrouw was zwanger van een tweede zoon. We wilden onze kinderen het geweld en het onveiligheidsgevoel besparen.

Terugkeren naar België was best een moeilijke beslissing, want ik voelde me erg thuis in Zuid-Afrika. Zodanig zelfs dat ik na een poos de Zuid-Afrikaanse nationaliteit vroeg én kreeg. Vandaag heb ik nog steeds die dubbele nationaliteit en daar ben ik trots op. Die zal ik mijn hele leven blijven koesteren.

Gebraaid schaap

Er zijn weinig dingen die ik gedurende die 15 jaar heb gemist -uitgezonderd dat pakje friet misschien. Straffer nog, eigenlijk vond ik ginds alles leuker dan in België: de ongedwongen manier van leven, de natuur, de mensen, de zon…

Wat ik bijvoorbeeld nooit zal vergeten zijn de warme kerstfeesten. Het was dan volop zomer, maar dat weerhield niemand ervan om binnen een kunstkerstboom met kunstsneeuw op te zetten. Buiten gaarden we de hele dag een schaap aan het spit, terwijl er werd gezwommen en gewaterskied. Tegen de avond zat iedereen heerlijk moe rond het vuur om het ‘gebraaide’ schaap op te peuzelen en te luisteren naar de verhalen van de oudsten. Als ik dan de volgende dag wakker werd voor weer een dag vol zonneschijn, dacht ik: ‘Zalig! Heb ik dit écht meegemaakt?'”

 

E-mail: jansempels@telenet.be

 

Ingrid Van Wanzeele

    Gepubliceerd in