U bent hier

Dit is een artikel uit het MagEzine-archief.

In de psychiatrie

Psychiatrie kampt jammer genoeg nog met heel wat vooroordelen. Zelfs bij studenten verpleegkunde. Steven vertelt: 'Ik had me een beeld gevormd op basis van films en media: sombere sfeer, agressie… Toen ik stage liep op een psychiatrische dienst, merkte ik dat het er totaal anders aan toeging. Het viel zo goed mee dat ik bewust voor het werkveld psychiatrie heb gekozen.'

'Er hangt nog altijd een taboe rond psychiatrische verpleegkunde', vertelt Leen Mullie. Ze is verantwoordelijke pegagogisch beleid bij een Gentse HBO*-school voor verpleegkunde: IVV Sint Vincentius, campus Guislain. Ze legt uit: 'Je merkt dat zelfs bij onze studenten. Ze hebben vaak een verkeerd beeld van de psychiatrie. Daarom organiseren we in het tweede jaar oriëntatiestages: zo kunnen ze van de verschillende werkvelden proeven en beslissen waarin ze zich in het derde jaar willen specialiseren. Voor veel studenten is de psychiatrie zo'n aangename verrassing, dat ze uiteindelijk voor deze specialisatie kiezen.'

Juist beeld

Ook Steven (23) bleek een fout idee te hebben van de geestelijke gezondheidszorg. Hij vertelt: 'Ik had me een beeld gevormd op basis van films en de media: sombere sfeer, isoleercellen, agressie, gekken… Toen ik stage liep op een psychiatrische dienst, merkte ik dat het er totaal anders aan toeging. Ik was geshockeerd dat ik met zoveel vooroordelen zat.'

Leen licht toe: 'In werkelijkheid is de sfeer op de meeste psychiatrische diensten totaal niet somber, maar constructief. Er wordt zelfs heel wat afgelachen. Humor is een krachtig wapen. En de psychiatrische patiënten, zijn gewone mensen zoals jij en ik. Alleen zijn ze door allerlei oorzaken vastgelopen in hun leven. Een studente zei ooit na een stage 'maar mevrouw, dat zijn eigenlijk gewoon ménsen'. Heel verwonderd, was ze. De meerderheid van de patiënten is trouwens helemaal niet agressief. En wordt iemand toch agressief omdat hij de controle verliest over zichzelf, dan weet je als verpleegkundige hoe je dit kan opvangen.'

Mooie meubels

Een andere misvatting is dat psychiatrische mensen niet te helpen zijn. Leen: 'Als verpleegkundige kan je echt iets voor hen betekenen. Ze zitten in de moeilijkste periode van hun leven en jij vergezelt hen tijdens die fase. Je hulp kan enerzijds ondersteunend en verhelderend zijn door coachende gesprekken te voeren. En anderzijds zeer praktisch: door samen oplossingen te zoeken voor de problemen die zich stellen in het dagelijkse leven. Bijvoorbeeld: je fietst met je patiënt naar de boerderij waar hij aan de slag gaat zodat hij de weg leert kennen, je gaat in de kringwinkel op zoek naar mooie meubels voor zijn woning, je helpt hem bij het solliciteren, je toont hem hoe hij zich lichamelijk kan verzorgen…'

Steven koos net omwille van dat helpende aspect voor het werkveld psychiatrie. 'Eigenlijk opende mijn stage op de algemene afdeling van een ziekenhuis me de ogen. Dat was voor mij een ongelukkige ervaring. Ik verzorgde een dame die borstkanker had en chemo kreeg. Ze had het psychisch zwaar, dus wou ik de tijd nemen om met haar te praten. Maar door de hoge tijdsdruk had ik hier geen gelegenheid toe. De nadruk lag op lichamelijke verzorging. In de psychiatrie is dat anders: de ziekte zit in het hoofd van de patiënt, dus moet je wel met hem praten en luisteren om te weten wat er in hem omgaat. Dat ligt mij veel meer.'

Op café

Hoe vindt hij de opleiding zelf? 'Heel interessant. Je leert hoe de psyche werkt, welke aandoeningen er bestaan, hoe je hier als begeleider mee kan omgaan… En het blijft niet bij theorie: we oefenen de technieken in via rollenspelen. Je hebt bijvoorbeeld patiënten die niet weten hoe ze een gesprek moeten aanknopen op café. Ze willen het graag, maar voelen door hun ziekte niet aan hoe dat moet. We doen dan in de klas een rollenspel: iemand is de patiënt die niet weet hoe hij een gesprek moet voeren en iemand de begeleider die hem hierin traint.'

Verder leer je ook veel bij over jezelf. Steven: 'Mensen zijn geneigd om weg te vluchten van hun angsten. Tijdens de opleiding word je met je angsten geconfronteerd en leer je ze overwinnen. Dat is belangrijk: je moet een voorbeeld, een rolmodel zijn voor je patiënten. Zelf was ik vroeger heel verlegen en bang om voor een groep mensen te spreken. Nu gaat dat veel beter.'

*: HBO staat voor hoger beroepsonderwijs. Dit is niveau 5. Ter info: secundair onderwijs is niveau 4, professionele bachelor (hogeschool) niveau 6 en master (universiteit) niveau 7.

 

Barbara Peirs

 

Gepubliceerd in