U bent hier

Dit is een artikel uit het MagEzine-archief.

Wonen en werken in Italië

Inge vertelt: “Ik had ooit eens een surfongeval en moest naar de spoed. Tot mijn ontzetting was er in het openbaar ziekenhuis geen dokter te bespeuren. De reden: het was zondagavond en dan is er voetbal.” Welkom in Rome, de stad waar voetbal het openbaar leven stillegt en waar je beter niet zonder make-up boodschappen doet.

Vroeger werkte Inge (38) als bio-ingenieur aan de universiteit van Leuven. Ze vertelt: “Op een dag werd ik gecontacteerd door de Food and Agricultural Organization (FAO) van de VN. Ze vroegen of ik zin had om acht maanden in hun hoofdkwartier te komen werken in Rome. Ik heb niet geaarzeld: wie wil nu niet tijdelijk in Rome gaan wonen, en dan nog vlakbij het antieke Circo Massimo? Bovendien heeft FAO een missie waar ik helemaal achtersta: de honger in de wereld bestrijden.

Behoud van de aarde

Na die acht maanden, vroeg FAO of ik bij hen wou blijven werken. Ik zei ja en nu werk ik hier al zes jaar als teamleider. Kort gezegd helpt mijn team ontwikkelingslanden om hun bossen in kaart te brengen via een systeem met satellietbeelden. Dankzij ons systeem kunnen ze zwart op wit bewijzen aan de VN dat ze minder bossen kappen dan voordien. Dat is belangrijk want als ze kunnen aantonen dat ze aan bosbehoud doen, krijgen ze financiële steun. 

Ik hou van mijn werk. Het is afwisselend en ik mag veel reizen: naar Afrika, Azië en Zuid-Amerika. Bovendien geeft mijn werk me voldoening. Ik heb echt het gevoel dat ik een impact heb op grote schaal, dat ik het verschil kan maken. Als er minder bossen gekapt of uitgedund worden, is er minder CO2-uitstoot en dat zorgt er op zijn beurt voor dat de aarde minder snel opwarmt.

Paraplu wordt jurk

Hoe het is om in Rome te wonen? Zalig! Het is een ongelooflijk mooie stad waar vanalles te doen is. Je kan er gaan wandelen in de vele parken, historische gebouwen bezoeken, lekker eten en drinken en volop genieten van cultuur, zoals muziek, film, theater en mode.

Tegenwoordig vul ik mijn vrije tijd vooral met reizen en minivoetbal. Ik ben goalkeeper van de vrouwenploeg. We wonnen al een tornooi, dus zo slecht kunnen we niet zijn. Wat ik ook doe, is kleren ontwerpen voor mezelf. In mijn eerste collectie hergebruikte ik oude paraplu’s. Nu gebruik ik vooral exclusieve stoffen die ik tijdens mijn reizen op de kop tik.

Ontbijten bij het Vaticaan

Uiteraard is niet alles perfect. Het is bijvoorbeeld niet eenvoudig om een sociaal leven uit te bouwen. Veel van mijn vrienden zijn expats en blijven maar voor een korte periode. Het valt me zwaar om telkens weer afscheid te nemen.

Verder ergert het me soms dat alles hier rond het uiterlijk draait. Romeinen vinden het belangrijk hoe je eruitziet. Je moet in elke situatie onberispelijk en stijlvol gekleed zijn. In je trainingspak zonder make-up een brood gaan kopen, is compleet ondenkbaar.

Een ander minpunt is de manier waarop toeristen behandeld worden. Als toerist betaal je vaak meer dan een Romein voor identiek hetzelfde product. Op een keer ontbeet ik met twee vrienden in mijn vaste bar bij het Vaticaan. We kregen een gepeperde rekening. Bleek dat de baas me niet herkend had en de toeristenprijs had aangerekend. Toen hij zijn vergissing inzag, bood hij me een gratis cappuccino aan, maar die heb ik geweigerd. Ik heb er nooit meer een voet binnengezet.”

 

E-mail: inge.jonckheere@gmail.com 

 

Barbara Peirs

Gepubliceerd in