U bent hier

Meer arbeidsongeschikte mensen aan het werk via trajecten op maat

VDAB, de ziekenfondsen, het RIZIV en GTB willen samen meer arbeidsongeschikte mensen aan het werk krijgen. Dat moet lukken via individuele trajecten op maat. Een nieuwe samenwerkingsovereenkomst bekrachtigt de afspraken die de partners daarover hebben gemaakt. Het doel is ambitieus: 80 procent van de mensen die in het kader van die overeenkomst een traject doorlopen weer aan het werk krijgen (volledig of gedeeltelijk).

In België zijn 258.000 mensen langdurig arbeidsongeschikt. Omdat ze om medische redenen niet meer in staat zijn om hun job uit te oefenen, ontvangen ze een uitkering van het ziekenfonds. Ondanks eerdere inspanningen blijft de drempel om weer te gaan werken hoog. Ook de administratieve procedures werden soms moeilijk bevonden. De nieuwe samenwerkingsovereenkomst wil daar iets aan doen. Het is een vervolg op twee eerdere overeenkomsten (november 2009, ziekenfondsen-VDAB-GTB en februari 2011, RIZIV-VDAB).

Met de nieuwe overeenkomst versterken de VDAB, de ziekenfondsen, het RIZIV en GTB (Gespecialiseerde Trajectbepaling en -Begeleidingsdienst) hun samenwerking en willen ze, elk vanuit hun eigen sterktes, arbeidsongeschikte mensen die het wensen nog meer helpen om volledig of gedeeltelijk weer aan het werk te gaan. Zo slaan ze de brug tussen het systeem van arbeidsongeschiktheid en de systemen van re-integratie naar werk.

Individuele trajecten

De samenwerking, bekrachtigd via een overeenkomst, kiest voluit voor individuele trajecten op maat. Iedereen die arbeidsongeschikt is, heeft immers zijn eigen verhaal en zijn eigen mogelijkheden en beperkingen. Sommigen hebben nog contact met hun vorige werkgever en kunnen terugkeren als de werkomgeving wordt aangepast. Anderen zullen op zoek moeten gaan naar een andere werkgever, eventueel na een bijkomende opleiding die tewerkstellingskansen biedt.

Start traject

De trajectbegeleiding moet zo vroeg mogelijk na het begin van de arbeidsongeschiktheid starten, want hoe sneller men start, hoe groter de kans op werk. Binnen de zes maanden stroomt al de helft van de arbeidsongeschikte mensen uit naar een job. Van wie één à twee jaar arbeidsongeschikt is, is dat nog maar een derde. En na twee à vijf jaar arbeidsongeschiktheid geraakt maar 13 procent weer aan het werk.

Fasen traject

De eerste fase van een traject is oriënterend: wat is er mogelijk en wat is de beste aanpak? Die vragen komen aan bod in een gesprek met de adviserend geneesheer van het ziekenfonds. Als het medisch mogelijk is en de persoon is bereid om stappen naar werk te zetten, dan wordt hij doorverwezen naar de werkwinkelconsulent en de trajectbegeleider van de VDAB.

De tweede fase is gericht op het vinden van werk, eventueel met een opleidingstraject als tussenstap. Hier speelt de trajectbegeleider een centrale rol. De adviserend geneesheer volgt dit mee op, terwijl het RIZIV de kwaliteit van het traject bewaakt.

Engagement

Wie een trajectovereenkomst aangaat, goedgekeurd door de adviserend geneesheer:

  • doet dat op vrijwillige basis;
  • moet de nodige engagementen aangaan: een individuele trajectovereenkomst legt duidelijke afspraken daarover vast;
  • behoudt zijn uitkering gedurende het hele traject;
  • kan er ook weer uit stappen als dat nodig is (bv. als zijn medische toestand verslechtert). 
Meer informatie: 

Op een studiedag in Mechelen vandaag wordt de nieuwe samenwerkingsovereenkomst bekrachtigd. Je kan daar de mensen van de betrokken partnerorganisaties interviewen.

  • Voor VDAB: Wendy Ranschaert, 0495 38 74 93.
  • Voor het RIZIV: Sandra De Clercq, communicatiecel, 02 739 72 13, communication@riziv.fgov.be.
  • Voor de ziekenfondsen: Bram Swaerts, persverantwoordelijke CM, 0486 91 12 59.