U bent hier

Dit is een artikel uit het MagEzine-archief.

Guido's gedacht: Het leed van de broodschrijver

roze macarons'Ja, gij hebt wel een gemakkelijk leven!' 'Voor u is 't precies altijd vakantie'. Het zijn maar enkele van de vaak gehoorde kreten in mijn omgeving. Ik bespaar u -en mij- de verhalen over profiteren en belastingfraude en onkosten maken. Ik ben ondertussen al lang genoeg zelfstandig om daar ook de andere kant van gezien te hebben.

Ja, de zelfstandige broodschrijver, dat lijkt één groot feest te zijn. Tot op bepaalde hoogte is het dat eigenlijk ook, maar alleen mag je niet flauw zijn. Het is niet zozeer een feest omwille van het groot verdienen en de mogelijkheid van het fiscaal optimaliseren. Daarvoor verdien je gewoon te weinig. Het is vooral inhoudelijk een feest. Opstaan en weten dat je voornamelijk bezig gaat zijn met wat je echt graag doet, dat is onbetaalbaar. En daar neem je de rest graag bij. Want die rest is er ontegensprekelijk, en niet altijd even fraai!

U weet dat niet, u die knusjes met de firmawagen naar het mooi ingericht bureau rijdt, u die pendelt naar de werkplek met de collega's. U hebt er geen idee van wat het betekent de CEO te zijn van een wereldwijd concern met één werknemer.

Ik schets het even voor u. Soms duurt het tot laat in de namiddag voor ik mijn mond opendoe, en dan komt er hetzelfde raspende geluid uit dat u 's morgens reeds produceerde bij het betalen van uw krant, of het begroeten van uw medewerkers. Het komt de interne monoloog ten goede, dat wel.  Altijd even schrikken ook, en natuurlijk denken mijn gesprekspartners dan dat ik tot laat in de middag in bed heb liggen stinken, na weer een geweldige nacht vol seks en drugs en rock 'n roll.  Niets is minder waar. Ik drink 's avonds thee… niet teveel, kwestie van het slaapproces niet te onderbreken! Oude mannen in de kering.

De weg naar kantoor -toegegeven, hij is niet lang, ongeveer van de badkamer tot de koffiezet- besteed ik aan het plannen van mijn dag. En dan is daar de stoel, en m'n pc, waar ik ga achter zitten om te schrijven. Dat is het zo ongeveer. Soms mag ik weg. Soms.

Mijn 'gesprekjes aan de koffiemachine', dat is twitter. Daar moet ik niet voor opstaan. Dat lukt aardig tussendoor. Elke telefoon die rinkelt is een belevenis. Menselijk contact!

En de rest is discipline. Opstaan lukt vrij aardig wegens niet echt gezegend met een gezond slaappatroon. Maar dan…  met je poten van koekjes en chips en weet ik veel wat afblijven gedurende de dag. Vreselijk is het. Toen ik student was, was ik al een meester in het procrastineren, en nu is dat nog steeds mijn ergste vijand. Is het niet aangenamer werken in een werkkamer met een bloemetje? Gauw even kopen. Misschien nu al boodschappen doen, dan moet ik dat straks niet meer doen. Oh een boek, dat absoluut nog moet gelezen worden… gauw even aanvangen? Ah, al die hemden, ik moet nu toch echt werk maken van het opruimen van mijn kleerkast. Hoh, nieuwe Humo-filmpjes. Toch even kijken, misschien zit er wel een onderwerp in voor een column! Daar, de zon… 

Neen, daar moet ik toegeven. De zon kan mij altijd krijgen.  Dan wil ik buiten zijn. In die zin zijn de 'indian summers' een verzoeking.  Mooi weer in september. Elke dag kan de laatste zijn voor de treurig donkere natte herfst inzet. Als de zon schijnt dan ga ik fietsen of wandelen met mijn hond. Neem het mij maar kwalijk, mijn leven stelt voor het overige ook echt niks voor. Ik moet het hebben van kleine pleziertjes en virtuele aanmoedigingen op Twitter. Hoe ellendig kan een leven zijn?

Denk daaraan als u nog eens jaloers bent op een kleine zelfstandige.

 

Guido Everaert

Gepubliceerd in