U bent hier

Werkgever aan het woord: applaus

Bedrijfsleider Tim: "Vakantie! In deze zomerse tijden stromen de luchthavens vol. Op enkele uurtjes vliegen van het druilerige Brussel sta je met een zonnebril op je snoet in het zonnige Malaga. Al tijdens de landing heb je een geweldig zicht op de blauwe zee. Fantastisch!

En op het einde van de landing… applaus! Handjes op elkaar voor iemand die je van haar noch pluim kent, zelfs nog niet zag. Bijzonder! Waar en wanneer is die traditie ooit gestart? Ik zou het graag willen weten.

Doen de passagiers het omdat een veilige landing een ontlading is? Omdat de vliegangst terug de koffer in mag bij het voelen van het tarmac? Of krijgt de piloot het applaus omdat hij een levensbelangrijke job heeft? Hij heeft per slot van rekening de levens van jou en je naasten letterlijk in handen. Maar eigenlijk krijgt hij deze blijken van waardering omdat hij gewoon zijn job doet zoals het hoort, toch?

Als je als directeur of leidinggevende anno 2017 het belang van complimenten en positief coachen ontkent, zit je vermoedelijk al even niet meer op de juiste stoel. Maar ook langs de andere kant, die van de klant, mag er gerust wel wat aandacht gegeven worden aan een vriendelijk en positief woord. Klantvriendelijkheid staat bij alle organisaties en bedrijven hoog op het prioriteitenlijstje, maar hoe klantvriendelijk of lastig zijn we zelf als we onze professionele context verlaten? Zeuren we over futiliteiten? Zien we zelf af en toe niet enkel ons eigenbelang? Beantwoorden we elke ‘alstublieft’ met een dankjewel of een glimlach? Hoe lastig doen we zelf ten opzichte van mensen die klantvriendelijk proberen te zijn? In zomerse, relaxte tijden iets om over na te denken.

Maar dus applaus! Voetballers krijgen het. Ze gaan er zelfs beter van presteren. Die beruchte twaalfde man, het thuisvoordeel weet je wel. Artiesten leven op bij applaus. Wellicht willen de Rolling Stones daarom van geen wijken weten. Om het geld moeten ze het niet meer doen en als het omwille van het spelen is: dat kan in een van hun riante villa’s ook. Neen, ik vermoed dat applaus hun beste drug blijft, het pept hen op om door te gaan.

Positieve feedback, complimenten, aanmoedigingen, een dankwoordje, het is als leidinggevende te allen tijde een aandachtspunt. Met de vorm kan je nog alle kanten op, creatief zijn mag.

Een opgestoken duim kan, maar opgelet, in sommige landen betekent dit hetzelfde als een opgestoken middelvinger. Applaus lijkt me universeel. Alhoewel ik tijdens het voetballen ooit een gele kaart onder mijn neus kreeg voor een net iets te cynisch applausje. Niet echt klantvriendelijk, ik geef het toe.

Misschien moeten we nadenken over nieuwe passende gebaren, tekens, uitingen van tevredenheid en dankbaarheid want applaus komt misschien raar over als de ober een wit wijntje en een koude chocomelk aan je tafeltje komt brengen. Of als leerlingen een staande ovatie geven na elke les. Langs de andere kant, die allereerste piloot zal dat eerste applaus misschien ook wel een beetje vreemd hebben gevonden?" 
 

Tim stelt zich voor in 729 woorden

"Van sommige beroepen zegt men dat wie ze uitoefent een verhoogde kans heeft om een psychopaat te zijn. Leidinggevenden, bedrijfsleiders en managers bijvoorbeeld. Toevallig zijn dat jobs die op mijn cv staan.

Wees gerust: ik heb in het verleden heel wat persoonlijkheidstests gedaan en daaruit blijkt dat ik geen psychopaat ben. Wat zeiden die testen wel? Dat ik niet gesteld ben op regels en procedures. En dat klopt. Ik krijg rillingen als ik leerkrachten, politieagenten of scheidsrechters zie die zich verstoppen achter nutteloze regels.

Profvoetballer was de eerste optie, maar dat was een beetje teveel gedroomd. Journalist was realistischer, maar uiteindelijk kwam ik onverwacht in de wondere wereld van de dienstencheques terecht. Een dienstenchequebedrijf leiden is de job van mijn leven, een speeltuin om me in uit te leven, voor mensen en met mensen." 

Tim blogde vroeger voor VDAB. Bekijk zijn blog.

 

 

Reageer