U bent hier

Dit is een artikel uit het MagEzine-archief.

Ziek of niet ziek?

Je staat op met wat keel- en hoofdpijn en voelt je ronduit miserabel. Wat doe je? Blijf je liggen en laat je het werk opstapelen? Of ga je toch werken, met wat medicatie in je lijf en het risico je collega's te besmetten? We deden een rondvraag. Ellen: “Thuis denk ik: ‘Het lukt wel’, tot ik op een propvolle metro stap. Dan krijg ik vapeurs en slaat de misselijkheid in alle hevigheid toe.”

Ziek? Volgens de ene specialist blijf je beter thuis. Volgens de andere werk je beter door. Dat het geen zwart-witverhaal is, is zeker. Wij legden ons oor te luister bij enkele werknemers en peilden hoe zij omgaan met ziek zijn en werk.

Warme choco

Jessica: “Voor mij is er een verschil tussen 'je niet oké voelen' of ziek zijn. Als ik me niet oké voel, ga ik wel werken, maar dan ben ik milder voor mezelf: ik ga met de bus in plaats van met de fiets, drink een warme chocomelk met een extra koekje, ga op tijd naar huis én zeg alle avondactiviteiten af. Ik blijf wel thuis als ik ergens veel pijn heb of denk dat wat ik heb besmettelijk is. Dan speel ik liever op zeker: beter voor mijn gezondheid én die van mijn collega's.”

Ook Ellen gaat geregeld werken wanneer ze zich niet helemaal oké voelt. “Als ik een verkoudheid heb, blijf ik nooit thuis, tenzij ik hoge koorts heb. Sinds ik een kindje heb dat naar de crèche gaat, ben ik in de herfst en de winter aan de lopende band verkouden. Mocht ik iedere keer thuisblijven, dan zagen mijn collega's me nooit meer. Bovendien ga ik gewoon graag werken.”

Verkeerde inschatting

Toch maken Jessica en Ellen wel eens een verkeerde inschatting. Ellen: “Thuis denk ik nog: ‘Het lukt wel’, tot ik op een propvolle, oververhitte metro stap. Dan krijg ik vapeurs en slaat de misselijkheid in alle hevigheid toe. Het is al gebeurd dat iemand zijn stoel afstond omdat hij merkte hoe belabberd ik er uitzag. En ooit heb ik eens overgegeven vlak voor ik het kantoor binnenstapte.”

“Meestal heeft mijn bazin niet veel tijd nodig om de situatie in te schatten. Ze zegt dan: ‘Ellen, hoe zie jij eruit? Ga toch gewoon weer naar huis’. Tegenwoordig ben ik iets slimmer geworden: als ik nog eens zo'n helletocht op de metro meemaak, stap ik gewoon uit aan de eerstvolgende halte en neem de metro terug naar huis.”

In dubio

Thuisblijven of niet. Een makkelijke beslissing vinden ze het geen van beide. Ellen: “Ik denk snel dat ik niet ziek genoeg ben. En wat als ik gewoon een uur ziek ben, en me daarna weer kiplekker voel? Dan lijkt het alsof ik gelogen heb. Verder zie ik er ook tegenop om het te melden op mijn werk. Moet ik zeggen welke ziekte ik heb? Ga ik wel ziek genoeg klinken aan de telefoon?

Zo ook Jessica: “Ik ben bang dat collega's zullen denken dat ik flauw ben, of geen zin heb om te werken. Zeker in hectische periodes, wanneer iedereen op de tippen van zijn tenen loopt. Want dan moeten ze mijn werk erbij nemen, en dat maakt dat ik me ‘schuldig’ voel. Ik denk dus altijd twee keer na voor ik thuis blijf.”

Minder streng

Voor hun collega’s zijn ze opmerkelijk milder. Ellen: “Met collega's die zich ziek melden heb ik geen enkel probleem. Ik vind dat iedereen eens moet kunnen passen voor de dagelijkse 'ratrace' als dat om een of andere reden nodig is.”

“Klopt”, vindt Jessica, maar ze nuanceert. “Met collega's die zich vaak ziek melden heb ik het wel moeilijk. Dat komt omdat ik zelf zo weinig mogelijk thuis blijf, en dezelfde houding verwacht van anderen. Iets anders is het wanneer er iets ernstig aan de hand is. Alleen weet je natuurlijk niet altijd wat je collega's onder de leden hebben. Ik probeer dus niet te snel te oordelen.”

Bucket list

Op de vraag of een van hen al eens thuis is gebleven wanneer ze niet ziek was, klinkt een verontwaardigd ‘Nee, nooit!’.

Al voegt Jessica toe: “Nochtans staat het wel op de 'stoute bucket list' die ik ooit maakte met vriendinnen toen we veertien werden. Ik wilde eens tijdens de schooluren naar de zee trekken om te zwemmen en ijsjes te eten. Maar ik heb het nooit gedurfd. Na de humaniora ging ik naar de unief, waar geen haan kraaide naar een afwezigheid meer of minder. De uitjes die ik toen maakte tellen dus niet. Een onwettig afwezige dag op het werk is nog mogelijk, maar die wens laat ik pas in vervulling gaan als ik mijn job kwijt wil. Eens te braaf, altijd te braaf.” 

 

Elke Duprez

Gepubliceerd in